Naar hoofdinhoud

3.2.2 Fijne afwerkingen

3.2.2.1 Ijsbloem (Frans : givré)

IJsbloemen is een mechanische bewerking van het steenoppervlak. Deze afwerking gebeurt door middel van vijf beitels (elk voorzien van 4 lamellen) die rond zichzelf draaien en tegelijkertijd ronddraaien op de plaat. Het bekomen ruwe oppervlak heeft het uitzicht van ijsbloemen.

3.2.2.2 Manuele oude frijnslag (Frans : taille ancienne manuelle)

De manuele oude frijnslag was vroeger een verfijningsbehouwing ('afhouwing' genoemd), die werd toegepast op stenen die reeds behandeld waren door de steenhouwer. Het gaat om een frijnen waarbij het aantal toegebrachte slagen niet streng bepaald is (± 20 à 30 slagen per dm). De aldus bekomen groeven zijn onderbroken en lopen evenwijdig of licht schuin met de kanten.

Synoniem : afhouwing

3.2.2.3 Mechanische oude frijnslag (Frans : taille ancienne méchanique)

Deze benaming gebruiken steenhouwers om een behouwing aan te duiden die uitgevoerd wordt met behulp van een luchtbeitel. Ze is weinig verwant met de manuele oude frijnslag en lijkt veel meer op een zeer fijn gebikte behouwing (zie afbeelding 11).

Afb. 11 Belgische blauwe hardsteen, mechanische oude frijnslag.

Algemeen zicht Detail

Algemeen zicht

Detail

3.2.2.4 Manueel gefrijnd (Frans : ciselé manuel)

Dé traditionele behouwing bij uitstek. De stalen prismatische of cilindrische frijnbeitels hebben een plat snijdend uiteinde van wolfraamcarbide. De breedte van het snijdende deel varieert van 1 cm (frijnbeiteltjes) tot 5 of 8 cm (brede beitels) volgens de aard van het werk.

Het gefrijnde (geciseleerde) oppervlak vertoont talrijke groefjes (1 à 2 mm diep) met een wat schuin, asymmetrisch profiel. Tussen de groefjes ziet men fijne strepen van brute gebarsten steen.

Deze behouwing wordt uitgevoerd op een gezaagd vlak, desgevallend na bijbewerken met de slijpsteen. Aantal slagen : 10 à 30 per dm. De groefjes lopen meestal evenwijdig met een van de kanten, soms ook schuin.

Er bestaan talrijke uitsluitend manuele varianten (vooral bij restauratie- of versieringswerken) : o.a. de oude frijnslag, het visgraatslageffect en zeldzamer het frijnen in dambordvorm en de kathedraalslag.

3.2.2.5 Mechanisch gefrijnd (Frans : ciselé mécanique)

Een 'multifrees' met diamanttanden wordt loodrecht in contact gebracht met het gezaagde steenblad en geeft aan de mechanische frijnslag een eigen typisch plat profiel. De machine beweegt automatisch voorwaarts, zodat de groeven steeds evenwijdig zijn. Op die manier blijft ook de afstand tussen de groeven altijd onveranderd (10 à 28 groeven per dm, standaard : 15 of 20 groeven per dm).

Soms kan deze oppervlaktebewerking een ongewenst effect hebben. Een schuine frijnslag bij een gevelbekleding kan bijvoorbeeld het druipwater langs de gevel een bepaalde richting geven en in dat patroon verwerings- en vervuilingssporen veroorzaken.

3.2.2.6 Gebikt (Frans : sbattu)

De manueel verkregen behouwing gebeurt met de puntbeitel op een gezaagd of gekloofd vlak (zie § 3.2.3.7).

Het mechanisch bikken wordt uitsluitend uitgevoerd op grote, gezaagde oppervlakken door middel van een werktuig voorzien van 1 tot 4 tanden of bladen van wolfraamcarbide. Dit werktuig wordt gemonteerd op een mechanische hamer waarvan de werkingskracht kan variëren. Het op maat zagen van de afgewerkte producten gebeurt pas na het behouwen.

Afb. 12 Belgische blauwe hardsteen, manueel gebikt.

Algemeen zicht Detail

Algemeen zicht

Detail


Het aspect van de gebikte steen kan als volgt worden beschreven (zie afbeelding 12) : talrijke korte, geïsoleerde, min of meer evenwijdige spoortjes (1 tot 5 mm breed, 5 tot 25 mm lang, 2 tot 7 mm diep), schuin of evenwijdig met de randen (± 45° à 60°), gescheiden door uitgesproken breuksporen. Afhankelijk van het aantal slagen (tussenafstand : 5 tot 20 mm bij manuele behouwing en 1,5 tot 7 mm voor mechanische behouwing) wordt een oppervlak grof of fijn gebikt.

Het aspect van het manueel gebikte oppervlak is ruwer en het aantal slagen is kleiner en onregelmatig. Het mechanisch fijn gebikt oppervlak lijkt nogal veel (qua uitvoering en aspect) op de mechanische oude frijnslag.

Synoniem voor gebikt : smillé.
Variëteiten : grof gebikt, fijn gebikt.

3.2.2.7 Manueel gehamerd of gebouchardeerd (Frans : bouchardé manuel)

Manueel gebouchardeerd wordt verkregen met behulp van de bouchardeer- of tandhamer. Deze hamer is voorzien van één of twee stalen verwisselbare kopvlakken ('plaatjes'). Elk kopvlak is bezet met piramidale, in dambord opgestelde punten ('diamantpunten').

De bouchardeerhamer wist letterlijk alle sporen uit van de vorige bewerkingen (bv. zaagsporen). De verticaal toegebrachte slagen doen vierkanten ontstaan, die elkaar lichtjes overlappen en min of meer bepaalde lijnen volgen.

Deze lijnen lopen ongeveer gelijk met de randen, of buigen licht af. De afstand tussen de talrijke putjes (1 à 3 mm breed en diep) hangt af van het aantal tanden van de hamer. Een onderscheid wordt gemaakt tussen manueel grof gebouchardeerd (16 à 36 tanden) en fijn gebouchardeerd (49 à 64 tanden). Er bestaan ook bouchardeerhamers met 100 en met 400 tanden. Deze gebruikt men vooral voor zachtere gesteenten.

Synoniem : met de hand gepunthamerd.
Variëteiten : grof of fijn gehamerd.

3.2.2.8 Mechanisch gehamerd of gebouchardeerd (Frans: bouchardé mécanique)

Bij het mechanisch boucharderen gebruikt men een luchtdrukhamer of een hydraulische hamer voorzien van een bouchardeerkop. Het werk gaat ononderbroken door, en grote gezaagde vlakken worden behandeld. Pas daarna worden de stenen tot de gewenste maat herleid. Aldus kan men aan de afgewerkte stukken merken of het bouchardeerwerk vóór het zagen of na het zagen is uitgevoerd.

Het uitzicht van het bewerkte vlak (zie afbeelding 13) varieert met de grootte van de hamer (meestal 3,5 x 3,5 cm), het aantal punten op de hamer (8 en 16 voor grof en 25 voor fijn gebouchardeerd) en de kracht van de slagen. De afstand tussen de talrijke putjes (1 à 3 mm breed en diep) hangt af van de tussenafstand der tanden. De sporen worden regelmatig verspreid over het hele vlak.

Synoniem : mechanisch gepunthamerd.
Variëteiten : grof of fijn gebouchardeerd.

Afb. 13 Belgische blauwe hardsteen, mechanisch gehamerd. Links : fijn gehamerd; rechts : grof gehamerd.

Algemeen zicht Algemeen zicht

Algemeen zicht

Algemeen zicht

Detail Detail

Detail

Detail