Ga naar de hoofdinhoud Ga naar de onderkant van de pagina
WTCB Home

Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf

21/07/2018

WTCB Home

Bouwdetail binnenvloer-doorvoering

Afdichting van doorvoeringen van onbrandbare leidingen met brandbare isolatie in brandwerende massieve vloeren met brandwerende soepele stroken

Referentie: 3077

Publicatiedatum:

3077_DET1_1.svg
Afb. 108 Afdichting van een doorvoering van een onbrandbare leiding met brandbare isolatie in een brandwerende massieve vloer met behulp van een brandwerende soepele strook.
 
1. Massieve vloer
2. Onbrandbare leiding met een brandbare isolatie
3. Uitsparing en speling rond de leiding
4. Afdichting rond de leiding
5. Brandwerende soepele strook
1. Massieve vloer
Het gaat hier om een massieve vloer die ofwel in overeenstemming is met de gestandaardiseerde massieve vloer, ofwel met een gelijkaardige massieve vloer. Andere massieve vloeren zijn toegelaten, op voorwaarde dat het gebruik ervan toegestaan is door het proefverslag van de brandwerende voorziening die in de vloer aangebracht wordt of door een gelijkaardig attest.
 
2. Onbrandbare leidingen met brandbare isolatie
De karakteristieken van de onbrandbare leidingen met brandbare isolatie moeten in overeenstemming zijn met het proefverslag. Zo moet in de voorschriften van de fabrikant, gebaseerd op classificatierapport(en) of proefverslag(en), het volgende aangegeven worden:
* onbrandbare leiding:
o het materiaal (bv. staal of koper)
o de maximale diameter (bv. 60 mm)
o de minimale en maximale wanddikte (gewoonlijk 0,5 tot 5 mm)
* brandbare isolatie:
o het type
o de maximale dikte.
 
3. Uitsparing en speling
Het verschil tussen de diameter van de uitsparing en de diameter van de geïsoleerde leiding moet vermeld worden in het proefverslag. De speling tussen de uitsparing en de geïsoleerdeleiding mag echter niet te groot zijn.
 
4. Afdichting
De afdichting van de ruimte tussen de leiding, de brandwerende soepele stroken en de uitsparing in de vloer wordt gerealiseerd zoals aangegeven in het proefverslag (afdichten met mortel, dichtpleisteren, opstoppen met rotswol, een brandwerende kit aanbrengen ...). De te voorziene afdichting is ook afhankelijk van de speling tussen de leiding en de uitsparing. Voor een kleine speling (bv. max. 10 mm) kan, in sommige gevallen, de ruimte met een brandwerende kit opgevuld worden. Tenzij het proefverslag andere bepalingen bevat (bv. speling < x mm), moet deze ruimte in principe altijd afgedicht worden.
 
5. Brandwerende voorziening
De brandwerende strook moet aangepast zijn aan de diameter van de leiding (zie de voorschriften van de fabrikant). Brandwerende soepele stroken worden in de uitsparing van de vloer aangebracht en worden rond de leidingen gewikkeld. Het aantal wikkelingen is onder andere afhankelijk van de diameter (hoe groter de diameter van de leiding, hoe groter de vereiste laagdikte). De soepele stroken worden door middel van plakstrips of zelfklevende stroken op de onbrandbare leiding met brandbare isolatie bevestigd.
De soepele stroken worden centraal in de uitsparing aangebracht of aan weerszijden van de vloer geplaatst (afhankelijk van de diameter van de leiding en de dikte van de vloer - zie de voorschriften van de fabrikant) (zie afbeelding 109).
 
6. Ophangconstructie van de leidingen (niet zichtbaar op afbeelding 108, p. 162)
De leidingen dienen ondersteund en bevestigd te worden volgens de regels van goed vakmanschap.
3077_DET2_1.svg
Afb. 109 Positionering van de brandwerende soepele stroken.

Gerelateerde publicaties

  1. Diensten
  2. Normalisatie
  3. NA Bouwdetails
  4. Databank bouwdetails