Ga naar de hoofdinhoud Ga naar de onderkant van de pagina
WTCB Home

Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf

21/07/2018

WTCB Home

Bouwdetail plat dak-bewegingsvoeg

Afdichting van een bewegingsvoeg met een ingewerkte metalen opstand, die afgewerkt wordt met een afzonderlijke afdekkap. Bitumineuze afdichting

Referentie: 1054

1054_DET1_2.svg
  1. Geprofileerde staalplaten
  2. Opstand uit geprofileerde staalplaten (dikte = 2 mm)
  3. Dampscherm (zie TV 215, hoofdstuk 6)
  4. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  5. Hoeklat of versterkte hoek
  6. Dakafdichting
  7. Dampscherm tegen de opstand (zie TV 215, hoofdstuk 6)
  8. Thermische isolatie van de dakopstand
  9. Thermische isolatie van de bovenzijde van de opstand
  10. Voegisolatie
  11. Afdichting van de opstand
  12. Glijlaag (waarvan de breedte afhankelijk is van de elasticiteit van de voegafdichting)
  13. Elastische voegafdichting die verbindbaar is met de dakafdichting
  14. Waterbestendige houten plaat
  15. Bevestiging van de houten plank
  16. Klang of beugel
  17. Muurkap
De voegafdichting kan gebeuren met behulp van een elastisch membraan dat verenigbaar is met de bitumineuze afdichting (bv. elastomeer met aan de onderzijde een bitumen) of - wanneer de bewegingen beperkt zijn - met een membraan uit gemodificeerd bitumen. In het eerste geval dient men een glijlaag met een breedte van minimum 10 cm te voorzien. In het tweede geval moet de breedte van de glijlaag minstens 20 cm bedragen en dient men tijdens elk onderhoud van het dak te controleren of de onvermijdelijke plooivorming geen aanleiding geeft tot schade.
 
In deze fiche wordt de uitvoering van een eenlaagse bitumineuze afdichting weergegeven. Voor de uitvoeringsprincipes voor meerlaagse bitumineuze afdichtingen aan de opstanden verwijzen we naar § 5.4.1 in het algemene deel van de TV244.
Bij eenlaagse bitumineuze afdichtingen die afgewerkt zijn met leischilfers, wordt de overlapverbinding idealiter op de fabrieksmatig voorziene neutrale zone (zonder leischilfers) uitgevoerd. Wanneer dit om uitvoeringstechnische redenen niet mogelijk is, dient men in zones waar er een zeker risico op plasvorming bestaat veiligheidshalve een bijkomende strook onderlaag onder de overlapverbinding te voorzien.

Gerelateerde publicaties

  1. Diensten
  2. Normalisatie
  3. NA Bouwdetails
  4. Databank bouwdetails