Ga naar de hoofdinhoud Ga naar de onderkant van de pagina
WTCB Home

Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf

21/07/2018

WTCB Home

Bouwdetail plat dak-bewegingsvoeg

Afdichting van een bewegingsvoeg met een soepel afdichtingsmateriaal. Plastomere afdichting

Referentie: 1044

1044_DET1_2.svg
  1. Dakvloer
  2. Thermisch isolerend metselwerk
  3. Soepele voegisolatie
  4. Hellingslaag
  5. Dampscherm (zie TV 215, hoofdstuk 6)
  6. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  7. Dakafdichting
  8. Mechanische bevestiging (geprofileerde staalplaat)
  9. Afdichting van de opstand
  10. Voegafdichting (ongewapende afdichtingsstrook met een losliggende zone)
  11. Overlapverbinding, voor eventuele kimfixatie (zie § TV 244, § 5.4.3)
De detailleringen in deze Technische Voorlichting zijn geldig voor de binnenklimaatklassen I tot en met III. Voor de binnenklimaatklasse IV is er doorgaans een bijkomende studie vereist, teneinde na te gaan of er geen inwendige condensatieproblemen kunnen ontstaan. Dit is voornamelijk het geval wanneer er, zoal hier, gebruikgemaakt wordt van een thermische onderbreking of isolerend metselwerk in de dakopstand.
 
De elastische voegafdichting bestaat uit een ongewapende afdichtingsstrook met een losliggende zone.
 
Plastomere afdichtingen van het PIB-type zijn onderhevig aan scheurvorming onder spanning, zodanig dat het gebruik ervan als ongewapende voegafdichtingsstrook niet aangewezen is.
 
Bij grotere voegopeningen die niet ondersteund worden door een thermisch isolatiemateriaal, dient men de geprofileerde platen over de opstand overlappend uit te voeren om te vermijden dat de losse afdichtingsstrook in de opening naar beneden zou zakken.
 
De geprofileerde platen worden in een hoek geplooid om een grotere stijfheid te verkrijgen.
 
De noodzaak van een kimfixatie bij een plastomere afdichting is afhankelijk van de drie volgende factoren:
 - de plaatsingswijze van de afdichting in het dakvlak
 - de afwerking van de dakopstanden
 - het feit of de afdichting al dan niet gewapend is.
 
Voor meer informatie hieromtrent verwijzen we naar TV 244, hoofdstuk 5 "Opstanden".
 
Bij bepaalde plastomeertypes dient men tussen de afdichting en een niet-gecacheerde EPS- of PUR-dakisolatie een scheidingslaag aan te brengen om te vermijden dat de weekmakers uit de dakafdichting zouden migreren (zie technische specificaties van de fabrikanten).
 
Indien de ondergrond van de dakopstand een zekere ruwheid vertoont, dient men een scheidingslaag (niet-geweven polyester) te voorzien.
 
Variante:
1044_DET2_2.svg
  1. Draagvloer
  2. Thermisch isolerend metselwerk
  3. Soepele voegisolatie
  4. Hellingslaag
  5. Dampscherm (zie TV 215, hoofdstuk 6)
  6. Thermische isolatie
  7. Dakafdichting
  8. Afdichting van de opstand (niet hechtende, ongewapende strook)
  9. Houten plank
  10. Overlapverbinding (voor de eventuele kimfixatie verwijzen we naar TV 244, § 5.4.3)

Gerelateerde publicaties

  1. Diensten
  2. Normalisatie
  3. NA Bouwdetails
  4. Databank bouwdetails