Skip to main content
WTCB Home

Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf

21/02/2018

WTCB Home
  1. Publicaties
  2. WTCB-Contact
  3. WTCB-Contact nr. 8 (4-2005)
  4. Voor hellende daken met een betere luchtdichtheid

Voor hellende daken met een betere luchtdichtheid 2005/04.10

Het belang van het verzekeren van de luchtdichtheid bij het ontwerp en de uitvoering van hellende daken blijkt duidelijk uit het onderzoek 'Vocht in gebouwen', dat onlangs uitgevoerd werd door het WTCB, in samenwerking met de K.U.Leuven, de Universiteit Gent en de WenK, evenals uit de interventiestatistieken van de afdeling Technisch Advies van het WTCB. Aangezien zolders steeds vaker als woonruimten ingericht worden en door de nieuwe gewestelijke reglementeringen op het vlak van de energieprestaties van gebouwen, neemt de nood aan informatie hieromtrent almaar toe.

1. Belang van de luchtdichtheid

De luchtdichtheid van gebouwen is in meer dan een opzicht essentieel :
Afb. 1 Door een goede luchtdichtheid en een goede thermische isolatie kan men de warmteverliezen doorheen de dakschilden beperken.
We willen erop wijzen dat de binnenlucht die door de dakopbouw naar buiten stroomt als gevolg van drukverschillen (door de wind en temperatuurverschillen) in contact kan komen met elementen waarvan de temperatuur lager is dan zijn dauwpunt (onderdak, dakbedekking, …). Dit kan leiden tot inwendige condensatie en eventuele vocht-, schimmel- en/of corrosieproblemen. Condensatie tengevolge van convectie (door luchtcirculatie) treedt bijna ogenblikkelijk op in de dakopbouw en kan aanleiding geven tot een veel grotere hoeveelheid condensaat dan wanneer het damptransport gebeurt door diffusie (doorheen dampdoorlatende materialen).

Om schade als gevolg van inwendige condensatie door dampdiffusie te voorkomen, dient men een dampscherm te voorzien aan de warme zijde van de isolatie (binnenkant). Als men daarentegen het risico op condensatie door de convectie van binnenlucht wil beperken, wordt de luchtdichtheid van de dakopbouw doorslaggevend. Omwille van de praktische uitvoeringsmoeilijkheden, voorziet men de luchtdichte barrière doorgaans aan de binnenkant (vooral wanneer de isolatie zich tussen de kepers bevindt), in het bijzonder omdat de lucht- en dampdichtheid dikwijls door hetzelfde scherm verzekerd worden. In het algemeen is ook de aard van het onderdak een belangrijke factor voor het risico op inwendige condensatie (zie Infofiche nr. 12).

Het goede ontwerp en de zorgvuldige uitvoering van de luchtdichte barrière zijn onontbeerlijk om het energieverbruik te beperken en om het gebruikscomfort te waarborgen. Afhankelijk van de samenstelling van de dakopbouw, kan de luchtdichtheid ook noodzakelijk zijn om het risico op inwendige condensatie door convectie te vermijden.
De Energieprestatieregelgeving in het Vlaamse Gewest
Invloed van de luchtdichtheid op het E-peil.
De luchtdichtheid heeft niet enkel een belangrijke invloed op de thermische isolatie en het rendement van de verwarmingsinstallatie van gebouwen. Ook het energieverbruik (E-peil) wordt er in grote mate door bepaald.

De Vlaamse Energieprestatieregelgeving brengt de luchtdichtheid in rekening door de ventilatieverliezen als gevolg van in- en exfiltratie in aanmerking te nemen. Deze verliezen kunnen uitgedrukt worden als een functie van het lekdebiet doorheen de buitenschil van het gebouw bij een drukverschil van 50 Pa tussen de binnen- en de buitenomgeving.

Bij ontstentenis wordt deze waarde (in verhouding tot de totale gebouwoppervlakte) gelijkgesteld aan 12 m³/(h.m²), wat redelijk negatief is. In de praktijk is het echter mogelijk betere resultaten te bekomen, mits men voldoende aandacht schenkt aan de goede uitvoering van de bouwdetails. Om deze betere luchtdichtheidsprestaties van het afgewerkte gebouw in beschouwing te mogen nemen, dient men een luchtdichtheidsproef te laten uitvoeren, overeenkomstig de norm NBN EN 13829.

Onderstaande grafiek toont aan dat een zorgvuldige uitvoering, met voldoende aandacht voor de luchtdichtheid van de gebouwschil, een aanzienlijke daling van het E-peil toelaat.

2. Mogelijke ontwerp- en uitvoeringsprincipes voor het luchtscherm

Het is niet eenvoudig om de perfecte luchtdichtheid van skeletconstructies (zoals de meeste hellende daken) te waarborgen :
Afb. 2 Een groot aantal aansluitingsdetails bemoeilijkt het verkrijgen van een ononderbroken en performante luchtdichtheid.
1. aansluiting van het luchtscherm met de dakvoet
2. aansluiting van het dakschild met de puntgevel
3. aansluiting van het luchtscherm met de gordingen
4. doorboring van het luchtscherm door het inwerken van spots
5. aansluiting van het luchtscherm met de nokbalk
luchtscherm
6. doorboring van het luchtscherm door leidingen van zonnepanelen
7. doorboring van het luchtscherm door rookafvoer- of ventilatiekokers
8. doorboring van het luchtscherm door een hanenbalk of andere houten elementen
9. aansluiting van het luchtscherm met de omtrek van een dakvenster
10. aansluiting van het luchtscherm met de omtrek van een vlieringluik
Afb. 3 Door het luchtdichte membraan en het dampscherm op een ononderbroken ondergrond te plaatsen (sarkingdak) kan men makkelijker hoge luchtdichtheidsprestaties bereiken.
1. keper
2. beplanking of beschieting
3. luchtscherm en/of dampscherm
4. isolatie
5. onderdak
6. tengellat
7. lat
8. dakpan
In de praktijk zal het verkrijgen van een goede luchtdichtheid bij een lichte constructie dus steeds afhankelijk zijn van de kwaliteit van de uitvoering van de voegen en de aansluitingen, evenals van de afwezigheid van doorboringen en beschadigingen van het scherm. Het ontwerp van het gebouw is in dit kader doorslaggevend, aangezien het bij bepaalde constructies haast onmogelijk is luchtlekken te vermijden. Door het hanteren van het algemene principe, waarbij gesteld wordt dat de vermindering van het aantal aansluitingen rechtstreeks leidt tot een beperking van het risico op luchtlekken, kan men de keuze van het toe te passen constructiesysteem reeds in zekere mate oriënteren. De plaatsing van een luchtdichte barrière en een dampscherm op een ononderbroken ondergrond biedt in deze context de beste waarborg voor een bevredigend resultaat, en dan vooral wanneer het te behalen prestatieniveau hoog is. In voorkomend geval dient men voldoende aandacht te schenken aan de zorgvuldige uitvoering van bepaalde onvermijdelijke details en aansluitingen, zoals de voet van het dakschild.


F. Dobbels, ir.-arch., technologisch adviseur
TD 'Duurzame uitvoeringstechnieken voor daken en lichte buitenwanden'
(www.wtcb.be/go/td-daken/) gesubsidieerd door het IWT
In samenwerking met O. Vandooren, ing., afdeling 'Communicatie', WTCB
 
belatting, belgie, dak, dakbedekking, dampscherm, dichtingsscherm, energiedrager, hellend dak, keper, luchtdichtheid, onderdakwerk, ontwerpcriterium, regionaal vlak, skeletbouw, smartconnect_pub_luchtdichtheid, technische reglementering, thermische isolatie, verwerking, verwerkingsvoorwaarde, warmte-isolatiemateriaal, zadeldak