M3 Haaksheid

Wat wordt er gemeten?

De afwijking van de voorgeschreven hoeken. De hoekafwijking wordt gedefinieerd als het verschil tussen een werkelijke hoek en de bijhorende referentiehoek en kan worden uitgedrukt in graden of in een lengte.

 

Meetmethode

De hoekafwijkingen worden bepaald met behulp van een winkelhaak en diktematen of een hoekmeter.

Bij de controle wordt rekening gehouden met het volgende:

  • zo nodig worden de te meten punten bepaald door de winkelhaak op stelblokjes te plaatsen
  • afhankelijk van de te meten ondergrond, kan een maximale beenlengte van de winkelhaak opgelegd worden (meestal 300 mm).
Meting met een hoekmeter
Meting met een hoekmeter
Meting met stelblokjes
Meting met stelblokjes
Meting van een scherpe hoek zonder
Meting van een scherpe hoek zonder stelblokjes

 

Interpretatie van de resultaten

Indien men het resultaat in graden uitdrukt, is de hoekafwijking het verschil tussen de referentiehoek en de werkelijk gemeten hoek.

Kiest men de uitdrukking in lengteafmeting, dan wordt de hoekafwijking bepaald vertrekkend van de kleinste zijde van de hoek en loodrecht op de bijhorende kant van de referentiehoek.

Scherpe hoeken (< 90°) worden in '-' gemeten. Stompe hoeken (>90°) in '+'.

Literatuur

NBN ISO 7976-1:1992 – Meetafwijkingen voor gebouwen – Meetwijzen voor gebouwen en bouwwaren – Deel 1: Werkwijzen en instrumenten, blzn. 8-15 (§5)

Opmerkingen

De plaatselijke vlakheid ter hoogte van de hoek kan een correcte meting beïnvloeden. Indien nodig dient men het meetinstrument anders te positioneren.

 

Last update: 27/09/2016