Industriële, commerciele of residentiële poorten

Algemeen

Industriële, commerciële en residentiële poorten moeten voldoen aan de geharmoniseerde norm NBN EN 13241-1 die op 7 oktober 2003 door het Belgisch Instituut voor Normalisatie (BIN) als Belgische Norm werd geregistreerd in het Belgisch Staatsblad.

In het kader van de Bouwproductenrichtlijn (89/106/EEG) geeft deze norm aanleiding tot een verplichte CE-markering, evenals in het kader van de Machinerichtlijn (98/79/EG) en de Laagspanningsrichtlijn (2006/95/EG).

De norm behandelt de veiligheids- en prestatie-eisen voor deuren en poorten die de veilige doorgang van door mensen begeleide goederen en voertuigen moeten waarborgen in een industriële, commerciële of residentiële omgeving.

In het kader van de Laagspanningsrichtlijn, de Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit en de Machinerichtlijn blijft de CE-markering van kracht voor aangedreven industriële, commerciële en residentiële poorten; voor deze laatste drie Richtlijnen is de toepassing van geharmoniseerde normen niet verplicht (indien men op een andere manier kan aantonen dat het product voldoet aan de eisen, dan kan dat, in tegenstelling tot de toepassing volgens de Bouwproductenrichtlijn).

De CE-markering volgens de Bouwproductenrichtlijn in overeenstemming met NBN EN 13241-1 is verplicht sinds 1 april 2005. Produkten vervaardigd voor deze datum mogen nog zonder CE-markering in de handel gebracht worden. De CE-markering voor aangedreven poorten volgens de Laagspanningsrichtlijn, de Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit en de Machinerichtlijn zijn verplicht sinds respectievelijk 1 januari 1997, 8 april 2000 en 1 januari 1997.

De norm NBN EN 13241-1 is prestatiegericht opgesteld. Aan de hand van een evaluatie, gebaseerd op proeven en/of berekeningen wordt van ieder product de prestatie voor individuele eigenschappen bepaald. Het is aan de regelgever en de bestekschrijver om aan te geven welke prestaties hij van de producten verwacht.

De norm NBN EN 13241-1 heeft twee doelstellingen:
  • een basis vormen voor CE-markering. CE-markering heeft enkel betrekking op eigenschapen die de regelgever oplegt bij het in de handel brengen van een product
  • regels der kunst formuleren voor de in de handel gebrachte producten. De regels der kunst zijn specifieke eisen die van toepassing zijn voor welbepaalde gebruiken van het product. Ze worden opgelegd door de bouwheer of architect en werden samengebracht in STS 53.2

Reglementaire eisen

Reglementaire eisen in België (dus bindende eisen afkomstig van federale, gewestelijke of andere reglementen) voor in buitenomgeving geplaatste, aangedreven, horizontaal bewegende poorten of hekwerken zijn:
  • Poorten zullen van signalisatie voorzien worden ter waarschuwing voor een risico. (Koninklijk besluit van 17 juni 1997 betreffende de veiligheids- en gezondheidssignalering op het werk, zoals gewijzigd)
  • Poorten zullen geen hoeveelheden gevaarlijke substanties vrijgeven, groter dan de maximaal toegelaten hoeveelheden vastgelegd in de Belgische regelgeving. (valt onder Belgische regelgeving m.b.t. het in de handel brengen van het product. De Belgische regelgeving kan geconsulteerd worden)
  • In overeenstemming met het Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen (B.S. 7.2.2001), zoals gewijzigd, bijlage III, deel A, § 9, dienen zich in de onmiddellijke omgeving van poorten die hoofdzakelijk voor het verkeer van voertuigen zijn bestemd, althans wanneer de doorgang voor voetgangers niet veilig is, deuren voor voetgangers te bevinden die duidelijk zichtbaar als zodanig dienen te zijn gemarkeerd en dien te allen tijde toegankelijk dienen te zijn.
  • In overeenstemming met het Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen (B.S. 7.2.2001), zoals gewijzigd, bijlage III, deel A, § 9, dienen deuren en poorten in het tracé van vluchtroutes op passende wijze te zijn gemarkeerd.
  • Toegankelijkheid kan een kwestie zijn indien de poort of hek een toegangsweg afsluit.
    Toegankelijkheid is een gewestelijke materie; de verschillende eisen worden per gewest opgesomd:

    • Vlaams Gewest

      In het Vlaamse Gewest is op dit ogenblik de (verouderde) federale wet van 17 juli 1975 betreffende de toegang van gehandicapten tot gebouwen toegankelijk voor het publiek (BS van 19 augustus 1975) van toepassing. Artikel 1 van deze wet bepaalt welke gebouwen moeten voldoen aan de regels van toegankelijkheid; deze kunnen worden veralgemeend onder de noemer publiek toegankelijke gebouwen.
      De voorschriften zijn:
      • tenminste één toegangsdeur heeft een vrije doorgangsbreedte van minimum 0,90 m en indien zij van een automatische deursluiter voorzien is, heeft deze een minimale weerstand;
      • de draaikruisdeuren zijn uitgesloten;
      • de breedte van de muurwand aanliggend bij de deurknop is minstens 0,50 m;
      • de nooduitgang voldoet aan dezelfde voorwaarden als de ingang;

      Alle binnendeuren van lokalen voor het publiek voldoen aan de volgende voorwaarden:
      • de vrije doorgangsbreedte bedraagt minstens 0,80 m;
      • de breedte van de muurwand aanliggend aan de deurknop is minstens 0,50 m;
      • is de deur van een drempel voorzien, dan steekt deze aan beide zijden niet meer dan 0,02 m boven het vloeroppervlak uit;
      • automatisch sluitende deuren zijn voorzien van een vertragingsmechanisme;
      • beglaasde deuren zijn van veiligheidsglas voorzien.

    • Waals Gewest

      Deze voorschriften zijn afkomstig uit de CWATUP (Code Wallon de l'Aménagement du Territoire, de l'Urbanisme et du Patrimoine), artikels 414 en 415. Artikel 414 bepaalt welke gebouwen moeten voldoen aan de regels van toegankelijkheid; deze kunnen worden veralgemeend onder de noemer publiek toegankelijke gebouwen. De voorschriften, vermeld in artikel 415, zijn:

      • het gebouw heeft een ingang, met een bij voorkeur horizontale toegang met minimale breedte van 120 cm, zonder treden of hoogteverschillen;
      • de minimum breedte van de deuropening bedraagt 85 cm;
      • de wand of secundair deurblad in het verlengde van de deur in gesloten toestand aan de zijde van de kruk meet minstens 50 cm;
      • een toegang tot het gebouw exclusief langs trommeldeuren is verboden;
      • poorten die grenzen aan het openbaar domein zijn van het binnen de gevel blijvende type.

    • Brussels Hoofdstedelijk Gewest

      Deze voorschriften zijn afkomstig van de stedenbouwkundige verordening, goedgekeurd op 21 november 2006. Titel IV doet een uitspraak over toegankelijkheidsvoorwaarden betreffende deuren. Artikel 1 van titel IV bepaalt welke gebouwen moeten voldoen aan de regels van toegankelijkheid; deze kunnen worden veralgemeend onder de noemer publiek toegankelijke gebouwen. De voorschriften zijn:

      • minstens één toegangsdeur verzekert een vrije doorgang van 0,95 m. Deze is een klap-, zwaai- of schuifdeur. Het eventuele mechanisme voor de manuele opening bevindt zich op 0,80 m boven de grond. Bij dubbele deuren moet één enkele open vleugel de vrije doorgang mogelijk maken;
      • binnendeuren hebben een vrije doorgang van 0,85 m. Deze is een klap-, zwaai- of schuifdeur. Langs de kant van de handgreep is de muur in het verlengde van de gesloten deur minstens 50 cm lang. Het eventuele mechanisme voor de manuele opening bevindt zich op 0,80 m boven de grond. Bij dubbele deuren moet één enkele open vleugel de vrije doorgang mogelijk maken;
      • de uitstek van de eventuele deurdorpel mag niet meer dan 0,02 meter bedragen. Deze is afgeschuind met een helling van maximum 30 °;
      • de automatisch sluitende deur is uitgerust met een vertragingsmechanisme met een vergrendelingstijd van minstens 6 s. De openingsweerstand bedraagt maximaal 3 kgf (oftewel 30 N);
      • de glazen delen van de deur bestaan uit veiligheidsglas en zijn voorzien van een contrasterende markering;
      • voor de nooduitgangen gelden dezelfde voorwaarden als voor de toegangsdeur.

  • In overeenstemming met het Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen (B.S. 7.2.2001), zoals gewijzigd, bijlage I deel C, afdelingen I en II, moet er een post-interventiedossier worden opgesteld.

Ondersteunende normen 

Volgende tabellen sommen de ondersteunende normen op:

Terminologie

NBN EN 12433-1:1999

Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Termen en definities - Deel 1: Soorten deuren

NBN EN 12433-2 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Termen en definities - Deel 2: Onderdelen van deuren

Omgeving

NBN ENV 1991-2-4:2002+NAD Eurocode 1 - Grondslag voor ontwerp en belasting op draagsystemen - Deel 2-4 : Belasting op draagsystemen - Windbelasting samen met Belgische toepassingsrichtlijn
NBN EN 12424:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - Weerstand tegen windbelasting - Classificatie
NBN EN 12444:2001 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Weerstand tegen windbelasting - Beproeving en berekening
NBN EN 12425:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Weerstand tegen het binnendringen van water - Classificatie
NBN EN 12489:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - eerstand tegen het binnendringen van water - Beproevingsmethode
NBN EN 12426:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - Luchtdoorlatendheid - Classificatie
NBN EN 12427:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - Luchtdoorlatendheid - Beproevingsmethode
NBN EN 12428:2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Warmtetransmissie - Eisen voor de berekening
NBN EN ISO 12567-1:2000 Thermische eigenschappen van ramen en deuren - Bepaling van de warmtekastmethode - Deel 1: Volledige ramen en deuren
NBN EN ISO 717-1:1997 Geluidleer - Bepaling van de geluidisolatie in gebouwen en van gebouwdelen - Deel 1 : Luchtgeluidisolatie
NBN EN ISO 140-3:1995 Geluidleer - Meting van geluidwering in gebouwen en bouwdelen - Deel 3 : Laboratoriummeting van luchtgeluidwering van bouwdelen
NBN EN 12600:2003 Glas voor gebouwen - Slingerproef - Stootbelastingproef en classificatie voor vlakglas

Aandrijving - mechanica

NBN EN 982+A1:2009 Veiligheid van machines - Veiligheidseisen voor hydraulische en pneumatische systemen en hun componenten - Hydrauliek
NBN EN 983+A1:2009 Veiligheid van machines - Veiligheidseisen voor hydraulische en pneumatische systemen en hun onderdelen - Pneumatiek

Aandrijving - electronica

NBN EN 60204-1:2006 Veiligheid van machines - Elektrische uitrusting van machines - Deel 1 : Algemene eisen
NBN EN 60335-1:2002 Huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen - Veiligheid - Deel 1 : Algemene eisen
NBN EN 60335-2-95:2005 Veiligheid van huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen - Deel 2-95 : Bijzondere eisen voor aandrijfmechanismen voor verticaal bewegende garagedeuren voor woonhuizen
NBN EN 60335-2-103:2004 Huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen - Veiligheid - Deel 2-103 : Bijzondere eisen voor poorten, deuren en ramen
NBN EN 61000-6-2 :2006 Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) - Deel 6-2 : Algemene normen - Immuniteit voor industriële omgevingen
NBN EN 61000-6-3 :2007 Elektromagnetische compatibiliteit (EMC) - Algemene normen - Emissienorme voor huishoudelijke, handels- en lichtindustriële omgevingen
 

Veiligheid

NBN EN 418 :1993 Veiligheid van machines - Noodstopvoorzieningen, functionele aspecten - Ontwerpprincipes (vervangen door NBN EN ISO 13850:2008: Veiligheid van machines - Noodstop - Ontwerpbeginselen
NBN EN 1037 :2008 Veiligheid van machines - Voorkoming van onbedoeld starten
NBN EN 12604 :2000 Industriële-, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - Mechanische aspecten - Eisen
NBN EN 12605 :2000 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en -poorten - Mecanische aspecten - Beproevingsmethoden
NBN EN 12453 :2001 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Gebruiksveiligheid van aangedreven deuren - Eisen
NBN EN 12445 :2001 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Gebruiksveiligheid van aangedreven deuren - Beproevingsmethoden
NBN EN 12978 :2003 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Veiligheidsvoorzieningen voor automatisch werkende deuren en hekken - Eisen en beproevingsmethoden
NBN EN 12635+A1 :2009 Industriële, bedrijfs- en garagedeuren en hekken - Installatie en gebruik

Volgende grafiek geeft weer welke paragrafen van de norm als eis worden gesteld, in het kader van de verschillende richtlijnen.

13241-1---link-directive---NL.gif