Bouwdetail - binnenmuur-doorvoering

Afdichting van doorvoeringen van brandbare leidingen in brandwerende lichte scheidingswanden met isolatieschalen en eventueel een brandwerende coating

Referentie: 3010
Publicatiedatum: 01-03-2015

TV 254 Fiche 3.3
3010_DET1_1_NL.svg
Afb. 27 Afdichting van een doorvoering van een brandbare leiding in een brandwerende lichte scheidingswand met isolatieschalen en eventueel een brandwerende coating
 
  1. Lichte scheidingswand
  2. Brandbare leiding
  3. Uitsparing en speling rond de leiding of de isolatieschaal
  4. Afdichting rond de leiding of de isolatieschaal
  5. Isolatieschaal
  6. Bevestiging van de isolatieschaal
  7. Ophangconstructie van de leiding
  8. Eventuele coating (op de wand/leiding/isolatieschaal)
1. Lichte scheidingswand
Het gaat hier om een lichte scheidingswand die ofwel in overeenstemming is met de gestandaardiseerde lichte scheidingswand, ofwel met een gelijkaardige lichte scheidingswand. Ook andere lichte scheidingswanden zijn toegelaten, voor zover dit bevestigd werd door een proefverslag of een gelijkaardige beoordeling van de brandwerende voorziening in dit type scheidingswand.
 
2. Brandbare leidingen
De karakteristieken van de brandbare leidingen moeten in overeenstemming zijn met het classificatierapport en/of proefverslag. Zo moet in het proefverslag aangegeven zijn uit welk materiaal de leidingen opgebouwd mogen zijn (PVC, PE, PP ...) en wat de minimale en maximale diameter is (gewoonlijk 50 tot 250 mm). Verder moet het proefverslag de nodige aanduidingen bevatten met betrekking tot de minimale en maximale wanddikte (gewoonlijk 1,5 tot 15 mm) van de brandbare leiding.
 
3. Uitsparing en speling
Het verschil tussen de diameter van de uitsparing en de diameter van de leiding (of van de schaal indien deze doorloopt doorheen de wand) mag niet groter zijn dan de waarde die vermeld staat in het proefverslag.
 
4. Afdichting
De afdichting van de ruimte tussen de leiding of de isolatieschaal (indien deze doorloopt doorheen de wand) en de uitsparing in de wand wordt gerealiseerd zoals aangegeven in het proefverslag (dichtpleisteren, opstoppen met rotswol ...). De te voorziene afdichting is afhankelijk van de speling tussen de leiding of de isolatieschaal en de uitsparing. Tenzij het proefverslag andere bepalingen bevat (bv. speling is kleiner dan een bepaalde waarde), moet deze ruimte in principe altijd afgedicht worden.
 
5. Isolatieschaal
De karakteristieken van de - al dan niet van een brandwerende coating voorziene - isolatieschaal moeten in overeenstemming zijn met het proefverslag. Zo moet in het proefverslag aangegeven zijn wat de minimale densiteit (kg/m³), de minimale dikte (mm) en de brandreactieklasse (A1, A2-s1, d0 ... F volgens NBN EN 13501-1) van de isolatieschaal is en over welke lengte (lengte ‘x’ uit afbeelding 27, p. 44, in mm) deze minstens rondom de leiding aangebracht moet worden (al dan niet aan weerszijden van de wand).
 
6. Bevestiging van de isolatieschaal
De isolatieschaal moet ter plaatse gehouden worden zoals beschreven in het proefverslag.
 
7. Ophangconstructie van de leidingen
De leidingen moeten ondersteund en bevestigd worden volgens de regels van goed vakmanschap. De ophangingen moeten zo dicht mogelijk bij de lichte scheidingswand gelegen zijn (in principe op een maximale afstand van 500 mm).
Indien de isolatieschaal beproefd werd met een ophanging, dient deze laatste in de praktijk op een equivalente manier uitgevoerd te worden.
 
8. Brandwerende coating
De isolatieschaal, de lichte scheidingswand en/of de brandbare leiding kunnen eventueel bekleed worden met een brandwerende coating. In voorkomend geval dient het proefverslag de nodige informatie te bevatten met betrekking tot de te gebruiken coating, de dikte (mm) en de lengte (zie lengten ‘y’ en ‘z’ uit afbeelding 27, in mm), waarover deze aangebracht dient te worden.

Gerelateerde publicaties

Technische voorlichtingen

254: Brandveilig afdichten van doorvoeringen in brandwerende wanden. Voorschriften en plaatsing (vervangt de reeks Infofiches nr. 39). Cover
Brandveilig afdichten van doorvoeringen in brandwerende wanden. Voorschriften en plaatsing (vervangt de reeks Infofiches nr. 39).
Om de brandweerstand van een bouwelement te verzekeren, is het belangrijk dat alle onvermijdelijke doorboringen die erin aanwezig zijn, correct afgedicht worden. Deze Technische Voorlichting geeft de plaatsingsvoorschriften van diverse afdichtingsmiddelen voor leidingen, luchtkanalen, lineaire voegen en voor andere verzwakkingen. Dit document beschrijft ook uitvoerig de plaatsingsvoorschriften voor type-oplossingen voor de afdichting van bepaalde leidingdoorvoeringen. In de laatste hoofdstukken worden enkele bijzondere uitvoeringsdetails, het onderhoud en een aantal foutieve plaatsingen besproken.
Auteurs:
  • Eeckhout (S.)
  • Martin (Y.)
Prijzen voor papieren versie:
  • Aannemers en het onderwijs: €29,40
  • Andere bouwprofessionelen en de administraties: €39,20
  • Andere organisaties, particulieren en het buitenland: €49,00
Download in PDF-formaat