Informatie en ondersteuning

Onderzoek, ontwikkeling en innovatie

Bouwdetail - plat dak-dakrand

Hanggoot. Plastomere afdichting

Referentie: 1163
Publicatiedatum: 31-03-2014

1163_DET1_1.svg
  1. Dragend metselwerk
  2. Gevelmetselwerk
  3. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  4. Dakvloer
  5. Hellingslaag
  6. Hellingsspie
  7. Houten regelwerk
  8. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  9. Houten plaat ter ondersteuning van het dampscherm en als spouwafdekking
  10. Dampscherm (zie TV 215, hoofdstuk 6)
  11. Houten regel
  12. Thermische isolatie
  13. Boordplank
  14. Haken, tussenafstand afhankelijk van de goot
  15. Hanggoot in metaal of kunststof
  16. Luchtdichtheidsstrook
  17. Stijve druiplijst van metaalfolieplaat
  18. Lasnaad
  19. Dakafdichting
1163_DET2_1.svg
1163_DET3_1.svg
  1. Thermische isolatie
  2. Gecacheerde dakafdichting
  3. Metaalfolieplaat
  4. Bijkomende naakte (niet-gecacheerde) plastomere afdichtingsstrook
De noodzaak van een randfixatie bij een plastomere afdichting is afhankelijk van de drie volgende factoren:
- de plaatsingswijze van de afdichting
- de afwerking van de dakopstanden
- het feit of de afdichting al dan niet gewapend is.
 
Dit onderwerp komt uitgebreid aan bod in TV 244, hoofdstuk 5 "Opstanden". We verwijzen hiervoor tevens naar de plaatsingsrichtlijnen van de fabrikanten.
 
Als er een dampscherm aanwezig is, wordt het uiteinde ervan om praktische redenen en om de waterafvoer niet in het gedrang te brengen (bv. in de periode gedurende welke het dampscherm dienst doet als voorlopige afdichting) vaak tot onder de houten kepers doorgetrokken (en niet tegen de kepers omhooggeplooid). Over het algemeen is het echter aanbevolen om de afdichting met het dampscherm te verbinden (bv. met een afzonderlijke strook) teneinde de thermische isolatie volledig in te sluiten. Door deze manier van werken kan men ook de windbelasting in de randzone verminderen.
 
Bij bepaalde types plastomeren dient men tussen de afdichting en de niet-gecacheerde EPS- of PUR-dakisolatie een scheidingslaag aan te brengen om een migratie van weekmakers uit de dakafdichting te vermijden (zie hiervoor ook de technische specificaties van de fabrikanten).
 
Indien de druiplijst uit metaalfolieplaten bestaat, is het aanbevolen om tussen twee opeenvolgende platen steeds een opening van 4 mm te voorzien om de uitzetting ervan mogelijk te maken. Deze naad dient afgewerkt te worden met behulp van een bijkomend membraan dat niet gelast wordt over een bepaalde afstand. De metaalfolieplaten worden om de 25 cm bevestigd. Wanneer de dakafdichting niet volvlakkig verkleefd wordt, dient men tussen de druiplijst en de houten keper een winddichte afwerking te voorzien.
 
Bij plastomere afdichtingen die onderaan afgewerkt zijn met een polyesterdoekcachering (bv. bij volledig verkleefde systemen) kan de afdichting niet rechtstreeks op de metaalfolieplaten gelast worden. In voorkomend geval dient de afdichting te geschieden zoals voorgesteld in schema nr. 3 van deze fiche.

Gerelateerde publicaties

Technische voorlichtingen

Aansluitingsdetails bij platte daken : algemene principes (vervangt de TV 191) (+ correcties van februari 2015).
TV 244 is een herziening van de TV 191, die gewijd was aan de aansluitingsdetails bij platte daken. In voorliggende TV komen de volgende onderwerpen aan bod : dakgoten, dakwaterafvoeren, nooduitlaten, opstanden, dakranden, bewegingsvoegen, dakdoorbrekingen en sokkels en de onderlinge verbinding van verschillende types afdichtingen.
Auteur: Mahieu (E.)
Prijzen: Enkel on-line beschikbaar
Download in PDF-formaat