Publicatiedatum : februari 2012

Bijlage 2 : Afdichtingen en isolatiematerialen : lijst van de gebruikte afkortingen

Afkorting Betekenis
APP Atactisch polypropyleen
CPE Gechloreerd polyethyleen
CR Polychloropreen
CSM Gechlorosulfoneerd polyethyleen
ECB Vinylacetaat-ethyleen-copolymeer en bitumen
EPB Geëxpandeerd perliet
EPDM Ethyleen-propyleen-dieen-monomeer
EPS Geëxpandeerd polystyreen
EVA Vinylacetaat-ethyleen-copolymeer
HDPE Polyethyleen met hoge densiteit
IIR Isopreen-isobutyleen-copolymeer
MS Siliconengemodificeerd
MW Minerale wol
NBR Nitrilrubber
PE Polyethyleen
PIB Polyisobutyleen
PIR Polyisocyanuraat
PMMA Polymethylmethacrylaat
PU Polyurethaan
PUMA PU/PMMA-hybride
PUR Polyurethaan
PVC Polyvinylchloride
PVC(M) Polyvinylchloride met monomere weekmakers
PVC(P) Polyvinylchloride met polymere weekmakers
PVDF Polyvinylideenfluoride
PVF Polyvinylfluoride
SBS Styreen-butadieen-styreen
TPE Thermoplastisch elastomeer
TPO Thermoplastisch elastomeer op basis van olefine
TPV Vernet thermoplastisch elastomeer op basis van olefine
XPSGeëxtrudeerd polystyreen