Publicatiedatum : februari 2012

7.1. Voorwerp

Om ongecontroleerde scheuren te voorkomen, dient de ontwerper voldoende bewegingsvoegen in de draagconstructie te voorzien. Indien deze basisregel gerespecteerd werd, zijn er geen bijkomende uitzetvoegen in de afdichting noodzakelijk. We willen er echter wel op wijzen dat bepaalde afdichtingsmaterialen minder goed bestand zijn tegen belangrijke bewegingen in de ondergrond.

In deze Technische Voorlichting wordt een onderscheid gemaakt tussen :
  • voegen in de draagconstructie (afbeeldingen 85 en 86)
  • voegen tussen de dakisolatieplaten (afbeelding 87).
  1. Voeg tegen een opgaande gevel
  2. Voeg in het dakvlak, met een opstand
  3. Beweging
  4. Voeg in het dakvlak, zonder opstand (toegankelijke daken, bv. parkeerdaken)
Afb. 85 Bewegingsvoegen in de draagconstructie.
  1. Kopse voeg
  2. Beweging
  3. Langse voeg
Afb. 86 Bewegingsvoegen bij gefractioneerde elementen (bv. draagelementen uit licht of zwaar beton, sandwichplaten, houtwolcementplaten, …).
  1. Thermische isolatie
  2. Dampscherm (zie TV 215 [W3], hoofdstuk 6)
  3. Dakvloer
Afb. 87 Voegen tussen de dakisolatieplaten.