Versie

6.5.1. Dakhellingen tussen 2 % en 5 %

  1. Dakrandprofiel
  2. Kit
  3. Spouwafdekking
  4. Ballastlaag
  5. Afdichtingsmembraan
  6. Draagvloer
  7. Dampscherm (zie TV 215 [W3], hoofdstuk 6)
  8. Hellingslaag
  9. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  10. Dragend metselwerk
  11. Gevelmetselwerk
  12. Spouwisolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  13. Opstand uit thermisch isolerend metselwerk
Afb. 78 Afwerking van de dakrand bij dakhellingen tussen 2 % en 5 %. Opstand uit isolerend metselwerk : algemeen principe.

Zoals reeds toegelicht werd in § 6.3. moet aan de dakrand van daken met een helling tussen 2 % en 5 % een opstand van minimum 150 mm boven het afgewerkte dakvlak verwezenlijkt worden. Om te vermijden dat er hierbij koudebruggen zouden ontstaan, kan men zijn toevlucht nemen tot een thermische onderbreking of een opstand uit geïsoleerd metselwerk (zie afbeelding 78). Men zou er eveneens voor kunnen opteren om de opstand thermisch te isoleren (zie afbeelding 79). In dit geval dient men erop toe te zien dat ook de thermische isolatie van het horizontale bovengedeelte van de dakopstand verzekerd is.

  1. Dragend metselwerk
  2. Gevelmetselwerk
  3. Spouwisolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  4. Draagvloer
  5. Opstand uit metselwerk
  6. Hellingslaag
  7. Dampscherm (zie TV TV 215 [W3], hoofdstuk 6)
  8. Isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  9. In de dakopstand bevestigde houten kepers
  10. Tussenafstand ter bevestiging van de spouwafdekking (+/- 330mm)
  11. Spouwafdekking
  12. Afdichtingsmembraan
  13. Dakrandprofiel
  14. Randstrook
  15. Kit
Afb. 79 Afwerking van de dakrand bij dakhellingen tussen 2 % en 5 %. Geïsoleerde opstand : algemeen principe.

Indien de dakopstand uit cellenbeton bestaat, dient men bij grote dakrandlengten rekening te houden met het risico op bolkomen ten gevolge van de thermische belastingen. In voorkomend geval kan het ook hier aangewezen zijn om de dakopstand bijkomend thermisch te isoleren.

Indien de opstand niet over de volledige hoogte afgedicht moet worden, werkt men de afdichting af zoals beschreven in hoofdstuk 5.

Vermits de XPS-platen voor gebruik op omkeerdaken steeds beschermd moeten zijn tegen zonlicht (UV-straling), dienen de tegen de opstand aangebrachte platen fabrieksmatig voorzien te worden van een afwerking (bv. mortelbestrijking). De kopse zijde wordt beschermd door de muurkap.

De XPS-platen worden gewoonlijk niet tegen de opstand verlijmd. Het is dan ook raadzaam om de opstandhoogte te beperken tot de plaatafmetingen, zodanig dat de isolatieplaat zowel onder- als bovenaan ingeklemd zou kunnen worden (respectievelijk door de dakisolatie en de muurkap).

  1. Dragend metselwerk
  2. Gevelmetselwerk
  3. Spouwisolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  4. Draagvloer
  5. Tussenafstand ter bevestiging van de spouwafdekking (+/- 330mm)
  6. Thermische isolatie van de dakopstand
  7. Dakafdichting
  8. Thermische isolatie (XPS) (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  9. Spouwafdekking
  10. Metalen klangen
  11. Muurkap
  12. Hellingslaag
  13. Thermische isolatie van de dakopstand (XPS met lichte mortelafwerking)
  14. Ballast
  15. In de dakopstand bevestigde houten kepers
Afb. 80 Afwerking van de dakrand bij dakhellingen tussen 2 % en 5 %. Geïsoleerde opstand : algemeen principe (omkeerdak).

Indien bovenstaande principes niet nageleefd kunnen worden (bv. in geval van een dakrandafwerking met een dakrandprofiel of hogere opstandhoogtes), dient men de opstanden uit te voeren met isolerend metselwerk of volgens het principe van een warm dak (zie afbeelding 81). Als alternatief kan men eveneens een gevelbekleding tegen de omkeerisolatie voorzien.

  1. Dragend metselwerk
  2. Gevelmetselwerk
  3. Spouwisolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  4. Draagvloer
  5. Opstand uit metselwerk
  6. Hellingslaag
  7. Dakafdichting
  8. Thermische isolatie (XPS) (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  9. In de dakopstand bevestigde houten kepers
  10. Tussenafstand ter bevestiging van de spouwafdekking (+/- 330mm)
  11. Spouwafdekking
  12. Ballast
  13. Dakrandprofiel
  14. Randstrook
  15. Kit
Afb. 81 Afwerking van de dakrand bij dakhellingen tussen 2 % en 5 %. Geïsoleerde opstand : algemeen principe (omkeerdak met warme dakopstand).