Publicatiedatum : februari 2012

6.3. Dakranden afhankelijk van de helling van de dakschilden

  1. Dakranden bij hellingen tussen 2 % en 5 % (§ 6.5.1.)
  2. Dakranden bij hellingen tussen 5 % en 10 % (§ 6.5.2.)
  3. Dakranden bij hellingen > 10 % (§ 6.5.3.)
Afb. 63 Dakranden naargelang van de helling van de dakschilden.
Aan de dakrand moet een opstand van minimum 150 mm boven het afgewerkte dak verwezenlijkt worden. Van deze regel kan echter afgeweken worden indien de dakhelling zodanig groot is dat er geen waterstagnatie of overloop kan optreden (zie § 6.5.).

Afbeelding 63 toont de opdeling van de dakranden naargelang van de helling van de dakschilden.