Versie

5.5.6. Aansluiting met muren met een gevelbekleding

Het betreft hier opstanden van platte daken die aansluiten op muren met een bekleding uit leien, golfplaten, buitenbepleistering op thermische isolatie, ... (zie afbeelding 56).

  1. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  2. Buitenbepleistering
  3. Steunprofiel
  4. Isolatie van de dakopstand
  5. Dakafdichting
  6. Thermische isolatie (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
  7. Hellingslaag
  8. Dampscherm (zie TV 215 [W3], hoofdstuk 6)
    Opgaande muur
Afb. 56 Vaste opstand in geval van een stijve verbinding tussen de opstand en de draagvloer (toepassing met buitenisolatie).

Wanneer de afdichting vóór de plaatsing van de gevelbekleding geschiedt, dient men de afdichting van de opstand tot zo'n 100 mm boven de thermische isolatie op te trekken om te waarborgen dat deze laatste droog zou blijven.

Wanneer de gevelbekleding daarentegen uitgevoerd wordt vóór de afdichting, wordt er een wachtslab voorzien, die samen met het steunprofiel vastgezet wordt.

Bij renovatiewerken kan het noodzakelijk zijn om de gevelbekleding gedeeltelijk of in haar geheel weg te nemen en dient men tevens op te letten voor brand (vogelnesten, onderdaken uit kunststof, brandbare isolatie, …). In voorkomend geval kan het raadzaam zijn om te opteren voor een 'koude' plaatsingsmethode (zonder open vlam).