Nieuw ontwerp van reglementering voor de eigenschappen van brandwerende deuren en de controle van hun plaatsing

In 2004 annuleerde de Raad van State de volgende alinea uit het Koninklijk Besluit van 7 juli 1994 die de 'Basisnormen' op gebied van brandpreventie vastlegde :

" Wat de deuren betreft, wordt hun Rf geattesteerd door het BENOR-ATG merk. Ze zullen geplaatst worden door erkende plaatsers. Onze Minister van Binnenlandse Zaken bepaalt de procedure en de voorwaarden waaronder hij deze plaatsers erkent."

Twee directe gevolgen van deze beslissing waren het schrappen van de wettelijke verplichting van het BENOR-ATG-merk voor brandwerende deuren en de vernietiging van de erkenning van de plaatsers van brandwerende deuren (de technische goedkeuring BENOR-ATG en de certificering van de plaatsers blijft van kracht maar alleen op vrijwillige basis).

Om de goede uitvoering van voor de beslissing te behouden, zou er binnenkort een nieuw ontwerp van reglementering moeten komen voor de kwaliteit van brandwerende deuren en de plaatsing ervan op de bouwplaats. De diensten van de FOD Binnenlandse Zaken (het vroegere Ministerie van Binnenlandse zaken) ontwierpen reeds, samen met verschillende partners (brandweerdiensten, verschillende schrijnwerkerfederaties, ISIB, …) een ontwerptekst. Deze laatste moet (zo goed mogelijk) de cruciale rol van brandwerende deuren verzekeren in geval van brand in een gebouw.

Het nieuwe ontwerp van reglementering zal vooral rond de volgende principes draaien.
  1. Eigenschappen van brandwerende deuren

    Er moeten minimale vereisten opgesteld worden voor onder andere de mechanische eigenschappen en de duurzaamheid van brandwerende deuren en dit volgens de nieuwe Europese normen (herhaald in het nieuwe project van STS 53). In afwachting van een CE-markering, wordt de classificatie van brandwerende deuren verzekerd door het BENOR-ATG-merk.

  2. Controle van de plaatsing van brandwerende deuren

    Het nieuwe ontwerp voorziet twee mogelijkheden wat betreft de plaatsing van de deuren :

    • indien de deuren geplaatst werden door een niet gecertificeerde plaatser, moet de controle van hun plaatsing uitgevoerd worden door een erkend controleorganisme
    • indien de deuren geplaatst werden door een gecertificeerde plaatser, moet de controle van de plaatsing gebeuren tijdens de regelmatige controle van het werk van de plaatser in het kader van zijn certificering (bijvoorbeeld het ISIB). Zowel de frequentie als de aard van de controles wordt beschreven in de ontwerptekst.

    Van zodra de nieuwe reglementering officieel gepubliceerd is, zal het WTCB een uitgebreider artikel uitgeven over dit onderwerp.

Yves Martin ir., adjunct-laboratoriumhoofd
WTCB, laboratorium 'Structuren, Schrijnwerk en Gevelelementen'
NA Brandpreventie http://www.normen.be/brand