De houtfractie in hellende daken 2006/01.12

Net zoals de buitenmuren uit het vorige artikel, zijn de daken van individuele woningen gewoonlijk verantwoordelijk voor zo'n kwart van de totale warmteverliezen. Het gedrag van hellende daken in dit opzicht vertoont bovendien een aantal verschillen, naargelang van hun houtfractie.
Tabel 1 geeft de vereiste isolatiedikte voor een hellend dak met een opbouw die de continuïteit van het isolatiemateriaal waarborgt (Umax = 0,4 W/m²K). Door het gebruik van een gecertificeerd isolatiemateriaal met een Technische Goedkeuring ATG kan de toe te passen isolatiedikte soms zelfs gehalveerd worden.

Deze waarden zijn echter niet langer geldig indien de dakconstructie aanleiding geeft tot onderbrekingen in de isolatie. Om een totale equivalente prestatie te verkrijgen, kan het in aanwezigheid van op regelmatige tussenafstanden geplaatste houten elementen soms nodig zijn de warmteweerstand van de isolatie sterk op te drijven.

Tabel 1 Dikte van het isolatiemateriaal voor een Umax-waarde = 0,4W/m²K (1).

Volgens de norm NBN EN ISO 6949 en de ontwerpnorm NBN B 62-002 dient men de houtfractie van de constructie in aanmerking te nemen. Hiertoe worden specifieke oppervlakteverhoudingen voorgesteld die men kan gebruiken bij ontstentenis. Deze laatste werden toegepast op de gevallen uit tabel 1, ter bepaling van hun invloed op de toename van de isolatiedikte. De bekomen resultaten (zie tabel 2) wijzen op een gemiddelde stijging van 40 % (ten opzichte van de vereiste dikte indien de isolatie ononderbroken is), en zelfs van 100 % bij de plaatsing van een zeer performant isolatiemateriaal (zwakke warmtegeleiding) tussen kepers met grote afmetingen. Het ontwerpprincipe waarbij de isolatie op een ononderbroken ondergrond geplaatst wordt, is daarom vanuit een thermisch oogpunt aanbevolen, omdat men er bovendien de luchtdichtheid van hellende daken beter mee kan garanderen. Voor platte daken is dit overigens het enige principe dat werkelijk aan te raden is.

Tabel 2 Toename van de isolatiedikte in hellende daken, afhankelijk van de houtfractie en de eventuele mechanische bevestigingen.
O. Vandooren, ing., hoofd van de afdeling 'Communicatie'
In samenwerking met E. Guiot, ir., afdeling 'Bouwfysica en Binnenklimaat' en de Technologische Dienstverlening 'Duurzame uitvoeringstechnieken voor daken en lichte buitenwanden'