De applicatie van harsgebonden vloeren op niet-industriële ondergronden

Harsgebonden vloeren worden in industriële gebouwen doorgaans toegepast op een betonnen ondergrond. De laatste decennia is dit type vloerbekleding echter ook aan een sterke opmars bezig in woon-, kantoor-, bijeenkomst- en handelsruimten. Dit impliceert evenwel dat de uitvoerder geconfronteerd kan worden met andere types ondergronden.

Vermits de huidige TV 216 enkel gewijd is aan de toepassing van harsgebonden vloeren op een betonnen ondergrond, drong zich een herziening op. In deze herziening (die momenteel aan de gang is) zullen de prestatie-eisen en algemene voorbereidingsrichtlijnen voor de volgende vier types ondergronden beschreven worden:

  • beton- en dekvloeren met een hoge mechanische sterkte
  • plaatvloeren (gipsplaten, staal- of metaalplaten, OSB-platen …)
  • tegelvloeren (bij renovatie)
  • bestaande harsgebonden vloeren (bij renovatie).
Het is niet aangeraden om harsgebonden vloeren op geprefabriceerde beton­elementen, houten plankenvloeren en soepele vloerbekledingen te plaatsen.

In dit artikel wordt er voor de vier voormelde types ondergrond een overzicht gegeven van de belangrijkste aandachtspunten: de oppervlaktetoestand, de mechanische sterkte en het vochtgehalte.

Betonvloeren en dekvloeren met een hoge mechanische sterkte

Bij beton- en dekvloeren dient het oppervlak over een voldoende mechanische sterkte te beschikken om de belastingen op te kunnen vangen die ontstaan ten gevolge van het gebruik en de uitharding van de harsgebonden vloer. Onderstaande tabel geeft de vereiste mechanische sterkte van de ondergrond weer in functie van het gebruik. Concreet betekent dit dat de sterkte van klassieke cementgebonden dekvloeren ontoereikend is en er steeds gebruikgemaakt moet worden van hulpstoffen om de benodigde mechanische sterkte te bekomen.

A| Vereiste mechanische sterkte voor de ondergrond.
Type gebruik Druksterkte (NBN EN 13892-2) Hechtsterkte (NBN EN 138928)
Voetgangersverkeer en lichte rolbelastingen > 20 N/mm² > 1,0 MPa
Voetgangersverkeer en zwaar rollend verkeer > 25 N/mm² > 1,5 MPa

Recent uitgevoerde beton- en dekvloeren bevatten gedurende een zekere tijd overtollig vocht en ondergaan een drogingskrimp. Het is daarom uitermate belangrijk dat ze zo veel mogelijk vocht afgegeven hebben en het grootste deel van hun krimp achter de rug hebben alvorens de harsgebonden vloer aangebracht wordt. De uitvoerder dient vóór de aanvang van de werkzaamheden steeds te controleren of het vochtgehalte de in tabel B vermelde waarden niet overschrijdt (carbide­methode). Deze meting moet uitgevoerd worden op de vochtigste plaats, die bepaald kan worden door middel van een screening (bv. via een elektrische of capacitieve methode).

B| Maximaal vochtgehalte van beton- en dekvloeren.
Type ondergrond Minimale diepte van de carbidemeting Maximaal vochtgehalte
(zonder vloerverwarming)
Maximaal vochtgehalte
(met vloerverwarming)
Betonvloer 4 cm 4,0 % 4,0 %
Cementgebonden dekvloer met een hoge sterkte ½ dikte van de dekvloer 4,0 % 2,5 %
Anhydrietgebonden dekvloer Gehele dikte 0,5 % 0,3 %

Het oppervlak moet proper zijn, dient een aangepaste ruwheid te vertonen (bv. door kogelstralen of een aangepaste schuurtechniek) en moet een peil en vlakheid hebben die overeenkomen met wat er van de afgewerkte vloer verwacht wordt.

Plaatvloeren

Plaatvloeren kunnen een geschikte ondergrond vormen voor een harsgebonden vloer, op voorwaarde dat ze kunnen weerstaan aan de voorziene belastingen tijdens het gebruik en de verharding van de vloer. Hiervoor dienen ze voorzien te zijn van een geschikt verbindingssysteem (bv. tand-groefverbinding) en moeten ze volgens hun betreffende productnorm geschikt zijn om (zware) lasten te dragen in vochtige omstandigheden. Ook de dikte van de platen moet aangepast worden aan de belastingen en dit, door eventueel twee plaatlagen kruiselings aan te brengen.

Aangezien dimensionale bewegingen van de ondergrond nooit helemaal uitgesloten kunnen worden, dient de uitvoering steeds meerlagig te gebeuren waarbij de onderlaag voorzien wordt van een ononderbroken wapening (bv. glasvezelmat). Een andere mogelijkheid bestaat erin om louter de plaatvoegen te verstevigen. Er dient steeds gekozen te worden voor een voldoende soepele harsgebonden vloer (Shore-hardheid D ≤ 60).

Tegelvloeren

Bij de renovatie van een op een dekvloer aangebrachte betegeling kan men breekwerk vermijden door deze – mits een gedegen voorbereiding – te bekleden met een harsgebonden vloer. Tegelvloeren op een zandbed dienen daarentegen steeds verwijderd te worden.

Bij de voorbereiding en controle van een tegelvloer dient er in de eerste plaats aandacht besteed te worden aan de oppervlaktetoestand. De cohesie en de hechting van de tegels moeten geverifieerd worden (visueel en auditief). Indien meer dan 10 % van het totale oppervlak van de tegels loszit, dient de volledige tegelvloer verwijderd te worden. Net zoals bij de beton- en dekvloeren, moeten zowel de tegels als de tegelvoegen opgeschuurd worden om een aangepaste ruwheid te verkrijgen. De tegelvloer moet proper zijn en zijn vlakheid moet overeenkomen met wat er van de afgewerkte vloer verwacht wordt.

Ook hier dient de uitvoering steeds in meerdere lagen te gebeuren waarbij de onderlaag voorzien wordt van een wapening (bv. glas­vezelmat).

Bestaande harsgebonden vloeren

Wanneer men een harsgebonden vloer op een bestaande harsgebonden vloer wil plaatsen, moet deze in elk geval stijver zijn dan de nieuwe vloer. Laatstgenoemde vloer moet bijgevolg steeds een Shore-hardheid D vertonen die hoogstens gelijk is aan die van de bestaande harsgebonden vloer.

Verder mag de bestaande harsgebonden vloer geen zichtbare gebreken vertonen die te wijten zijn aan vocht of aan enig ander gebrek (bv. blazen, lokale onthechtingen …). Indien dit toch het geval zou zijn, dient de vloer verwijderd te worden.

Application d’un tapis pierreux sur un sol carrelé pourvu d’un primaire et poncé au diamant.
Aanbrengen van een steentapijt op een met diamant geschuurde tegelvloer voorzien van een primer.

T. Haerinck, ir., projectleider, laboratorium Bouwchemie, WTCB