Nieuwe eisen in Wallonië voor airconditioning-, ventilatie-, verwarmings- en sanitair-warmwaterproductiesystemen

Teneinde de implementatie van de Europese Energieprestatierichtlijn voor gebouwen voort te zetten, heeft de Waalse Regering in het besluit van 28 januari 2016 (Belgisch Staatsblad van 25 maart 2016) verschillende eisen vastgelegd in verband met verwarmings-, ventilatie-, airconditioning- en sanitair-warmwaterproductiesystemen (SWW). Deze eisen zijn op 1 mei 2016 in voege getreden.
In bestaande gebouwen vormt de installatie, vervanging of modernisering van de technische uitrustingen de gelegenheid bij uitstek om aandacht te besteden aan hun energieprestatie. Bijgevolg heeft de Waalse Regering een aantal energieprestatie-eisen ingevoerd voor alle airconditioning-, ventilatie-, verwarmings- en sanitair-warmwaterproductiesystemen.

Ook in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Vlaamse Gewest gelden er eisen voor deze systemen. Deze worden ter vergelijking samengevat in de drie volgende tabellen. We willen erop wijzen dat de toepassingsvoorwaarden voor deze eisen niet noodzakelijk identiek zijn.

Voor meer informatie hieromtrent verwijzen we naar de websites van de drie Gewesten (*).

A | Eisen met betrekking tot ventilatiesystemen
Eis Wallonië Vlaanderen Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Centrale ventilatiesystemen met mechanische toe- en afvoer Warmteterugwinapparaat
Warmteterugwinrendement ≥ 75 % (1)
Warmteterugwinapparaat
Warmteterugwinrendement ≥ 75 %
In bepaalde gevallen een warmteterugwinapparaat
Thermische isolatie van de luchtkanalen Minimale isolatiedikte (2) Minimale warmteweerstand van de isolatie Minimale isolatiedikte
Energiemeting In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen
(1) Dit warmteterugwinrendement wordt berekend aan de hand van een formule die verschillende parameters in rekening brengt (het thermische rendement van het warmteterugwinapparaat, de luchtdichtheid van de kanalen, de aanwezigheid van een regelsysteem ...). Wanneer het thermische rendement van het warmteterugwinapparaat groter is dan 79 %, kan er in alle gevallen aan de eis voldaan worden.
(2) Indien de leidingen onbereikbaar zijn of het onmogelijk is om de voorgeschreven minimale isolatiedikte te plaatsen, kan er van deze eis afgeweken worden.

B | Eisen met betrekking tot airconditioningsystemen
Eis Wallonië Vlaanderen Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Compressiekoelmachine in niet-residentiële gebouwen Minimaal installatierendement (1):

  • luchtgekoelde ijswatermachine: 2,0
  • watergekoelde ijswatermachine: 3,1
  • watergekoelde ijswatermachine met condensor op afstand: 2,5
Minimaal installatierendement (1):

  • luchtgekoelde ijswatermachine: 2,0
  • watergekoelde ijswatermachine: 3,1
  • watergekoelde ijswatermachine met condensor op afstand: 2,5
-
Thermische isolatie van de leidingen en accessoires van het koelsysteem Minimale isolatiedikte (2) Minimale warmteweerstand
van de isolatie
Minimale isolatiedikte
Energiemeting In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen
(1) Dit installatierendement wordt berekend aan de hand van een formule die verschillende parameters in rekening brengt (de energie-efficiëntie van de machine, de aanwezigheid van een regelsysteem ...).
(2) Indien de leidingen onbereikbaar zijn of het onmogelijk is om de voorgeschreven minimale isolatiedikte te plaatsen, kan er van deze eis afgeweken worden.

C | Eisen met betrekking tot centraleverwarmings- of sanitair-warmwaterproductiesystemen
Eis Wallonië Vlaanderen Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Ketel met vloeibare of gasvormige brandstoffen Installatierendement ≥ 84 % (1) Installatierendement ≥ 84 % Modulering van het vermogen
Elektrische warmtepomp Minimale COP (2):

  • bodem/water: 4,3
  • grondwater/water: 5,1
Minimale SPF (3):

  • bodem/water: 3,3
  • water/water: 3,9
  • lucht/water: 2,8
  • lucht/lucht: 2,9
-
Directe elektrische verwarming Elektrisch vermogen ≤ 15 W/m² (4) Elektrisch vermogen ≤ 15 W/m² -
Elektrisch toestel voor de productie van sanitair warm water Elektrisch vermogen ≤ max.[2500; 2500 + 50 (Ach - 150)] W (5) Elektrisch vermogen ≤ max.[2500; 2500 + 50 (A - 150)] W (6) -
Thermische isolatie van de leidingen en accessoires Minimale isolatiedikte (7) Minimale warmteweerstand van de isolatie Minimale
isolatiedikte
Energiemeting In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen In bepaalde gevallen
(1) Dit installatierendement wordt berekend aan de hand van een formule die verschillende parameters in rekening brengt (het ketelrendement, de ligging van de ketel, de aanwezigheid van een regelsysteem ...). Bij de vervanging van een ketel van het type B1 die op een collectieve schouw aangesloten is, kan er in bepaalde gevallen van deze eis afgeweken worden.
(2) COP: prestatiecoëfficiënt.
(3) SPF: seizoensprestatiefactor.
(4) Wanneer een bestaand, defect toestel vervangen wordt door een toestel van hetzelfde type, kan er van deze eis afgeweken worden.
(5) Ach: totale verwarmde of gekoelde vloeroppervlakte [m²].
(6) A: bruto vloeroppervlakte [m²].
(7) Indien de leidingen onbereikbaar zijn of het onmogelijk is om de voorgeschreven minimale isolatiedikte te plaatsen, kan er van deze eis afgeweken worden.
C. Delmotte, ir., laboratoriumhoofd, laboratorium Prestatiemetingen technische installaties, WTCB

Dit artikel werd opgesteld in het kader van de Technologische Dienstverlening COM-MAT ‘Matériaux et techniques de construction durables’, met de steun van het Waalse Gewest (DG06).