Toleranties voor ETICS 2012/04.10

In samenspraak met de sector werden specifieke dimensionale uitvoeringstoleranties voor bepleisteringen op buitenisolatie (ETICS) opgesteld. Ze zijn gebaseerd op analyses van uitgevoerde werken die al dan niet aanleiding gaven tot bezwaren.
In geval van bezwaren controleert men het afgewerkte pleister in de gevelzone waar de hinder zich voordoet. Indien er een onvolkomenheid aangetroffen wordt, moeten de eventuele maatregelen proportioneel zijn met de hinder en afhankelijk zijn van het feit of de onvolkomenheid van functionele dan wel esthetische aard is.

De onderstaande tabel geeft een overzicht van de maximaal toegelaten afwijkingen voor bepleisteringen, afhankelijk van het pleistertype, de aangebrachte isolatie en de ondergrond.

Om de toepassing van een ononderbroken isolatielaag mogelijk te maken en rekening te houden met de maximaal toelaatbare afwijkingen voor pleisterwerken, dient men strenge toleranties te hanteren voor nieuwe ondergronden (opgegeven in de referentiedocumenten voor metselwerk en betonstructuren). De oplevering van de ondergrond dient steeds uitgevoerd te worden door de opdrachtgever.

Indien de afwijkingen van de ruwbouw voldoen aan de normatieve criteria, zullen de toelaatbare afwijkingen van de bepleistering hoofdzakelijk afhangen van de dimensionale toleranties op de isolatieplaten, hun plaatsing en hun schuurbaarheid. Het hoeft dan ook geen beding dat de plaatsing van deze platen een belangrijke uitvoeringsfase vormt.

Indien de ruwbouw grotere afwijkingen vertoont (bv. bij renovaties), maken eventuele aanpassingswerken om de ondergrond dimensionaal aanvaardbaar te maken, geen deel uit van het normale takenpakket, maar zullen ze aanleiding geven tot een bijkomende afzonderlijke offerte.

Uitvoeringstoleranties voor ETICS: maximaal toelaatbare afwijkingen (zie WTCB-Contact 2010/1 voor het geschikte controlematerieel en beoordelingsmethoden die zowel gebruikt kunnen worden voor het pleisterwerk als voor de isolatieplaten en de ondergrond)
Maximaal
toe­gelaten afwijking op …
'Nieuwe' ondergrond ETICS
Metselwerk (1) Beton­structuur (2) Gewenste uitvoerings-tolerantie (3) Geplaatste isolatie Afwerkpleister
Types 1 en 2 (4) Type 3 (4)
de globale vlakheid onder de lat van 2 m ± 8 mm (8) ± 8 mm (8) Normaal ± 5 mm ± 5 mm ± 8 mm
Speciaal ± 3 mm ± 3 mm ± 5 mm
de plaatselijke vlakheid / onregelmatigheid onder de lat van 0,2 m - ± 5 mm (9) Normaal ± 3 mm ± 3 mm
Speciaal ± 2 mm ± 2 mm
verticaliteit / loodrechtheid ~ 1 verdiep
(2,5 tot 3 m)
± 8 mm ± 8 mm (5) Normaal en speciaal ± 8 mm (7)
gebouwhoogte ± 50 mm ± 16 à 50 mm (6) ± 50 mm
de horizontaliteit (de afstand 'd' tussen twee punten op een lijn) - - Normaal/speciaal d < 3 m : ± 8 mm/± 6 mm
3 m < d < 6 m : ± 12 mm/± 8 mm
6 m < d < 15 m : ± 16 mm/± 12 mm
de rechtheid van de lijnen/randen (voor een lengte van 2 m) - (11) ± 8 mm Normaal ± 5 mm ± 5 mm ± 8 mm
Speciaal ± 3 mm ± 3 mm ± 5 mm
de haaksheid (venteraansluiting, …) - - Normaal ± 5 mm/0,25 m
Speciaal ± 3 mm/0,25 m
het niveauverschil in het buitenoppervlak - (11) ± 5 mm (9) Normaal en speciaal ± 1/5 e 
(10)
- -
een lineaire afmeting 'd' in cm ± ¼ (d)1/3 (≤ 4 cm) - Normaal en speciaal ± ¼ (d)1/3 (≤ 4 cm)
(1) Zie NBN EN 1996-2 ANB en het ontwerp van de STS 22 Metselwerk voor laagbouw (te verschijnen).
(2) Zie NBN EN 13670 en het ontwerp van zijn nationale bijlage prNBN B 15-400. De opgegeven afwijkingen gelden voor tolerantieklasse 2 (streng) (te vermelden in het bijzondere bestek).
(3) De te respecteren tolerantieklasse maakt het voorwerp uit van een overeenkomst tussen de partijen. Bij gebrek aan gegevens hierover in de contractuele documenten gaat men ervan uit dat de normale afwerking van toepassing is. De speciale afwerking wordt in principe enkel gehanteerd indien ze uitdrukkelijk voorgeschreven wordt in de contractuele documenten. In voorkomend geval is ze bij een eventuele controle aan het einde van de werken enkel geldig indien de aannemer die verantwoordelijk was voor de uitvoering van de ETICS vooraf een rapport ontving dat aangaf dat de ondergrond uitgevoerd werd binnen de toegelaten afwijkingen en dat de constructieve maatregelen geschikt zijn voor de technieken van ETICS.
(4) Type 1 en 2: respectievelijk fijn gestructureerd dun pleister en fijn gestructureerd glad pleister eventueel bestemd om geverfd te worden. Type 3: dik mineraal pleister (mineraal krabpleister of grof sierpleister).
(5) Berekend met de geschikte formule uit (2) voor een vrije verdiepingshoogte 'h' van 3000 mm.
(6) Berekend met de geschikte formule uit (2), afhankelijk van de hoogtes en het aantal verdiepingen.
(7) De toegelaten afwijking bedraagt ± 1/8 x h1/3 (of 8 mm), waarbij 'h' de hoogte is van de wand uitgedrukt in cm (gelijk aan 300 cm).
(8) Een ondergrond met een afwijking tot 10 mm onder de lat van 2 m laat een plaatsing van de isolatieplaten toe met mortellijm of met PU-lijmschuim. Een afwijking tot 15 à 20 mm onder de lat van 2 m (zie technische fiches) laat een plaatsing met mortellijm­stroken of -noppen toe (+ randstrook).
(9) Een ondergrond met een afwijking tot 5 mm (vlakheid onder de lat van 0,2 m of niveauverschil) laat een plaatsing met mortellijm of met PU-lijmschuim toe. Een afwijking tot 10 mm (zie technische fiches) laat een plaatsing met mortellijmstroken of -noppen toe (+ randstrook).
(10) Niveauverschillen tussen de platen moeten absoluut vermeden worden om het risico op scheurvorming te beperken. Indien nodig en toegelaten (zie technische fiche), is het raadzaam om de isolatieplaten te schuren. Het niveauverschil mag in geen enkel geval groter zijn dan de opgegeven afwijking ('e' stelt de dikte van de grondlaag voor).
(11) Bij gebrek aan normatieve criteria raadt men aan om de toegelaten afwijking voor betonstructuren te hanteren.


Y. Grégoire, ir.-arch., afdelingshoofd, afdeling Materialen, WTCB