Deuren en gehelen uit gehard glas 2011/02.09

Deuren en gehelen uit gehard glas zijn twee populaire elementen die het onderwerp zullen uitmaken van de toekomstige Technische Voorlichting over bijzondere glaswerken. Het is immers onontbeerlijk om te beschikken over ontwerp- en uitvoeringsregels voor dergelijke bouwwerken. Dit artikel geeft de grote principes weer van de verschillende thema's die in deze TV aan bod komen.
Afb. 1 Voorbeeld van een geheel uit gehard glas
Onder deuren en andere gehelen uit gehard glas verstaan we vaste of mobiele elementen die volledig uit thermisch gehard glas bestaan en waarvan de dikte zodanig bepaald wordt dat elk element of geheel bestaande uit meerdere vaste of mobiele elementen voldoende stijf is om, enerzijds weerstand te bieden aan de klimatologische- en gebruiksspanningen en anderzijds onesthetische vervormingen te vermijden, evenals vervormingen die de goede werking van de elementen in het gedrang kunnen brengen.

Gehelen uit gehard glas worden gekenmerkt door de aanwezigheid van metalen onderdelen voor de verbinding van de verschillende elementen via inkepingen of gaten die hiervoor voorzien werden in het glas en door de afwezigheid van stijlen of regels tussen de elementen. Deuren uit gehard glas zijn dan weer herkenbaar door de aanwezigheid van een zelfdragend glasblad waarop diverse draai-, manipulatie- en sluitaccessoires aangebracht worden. Ze kunnen voorzien zijn van vloerveren, hangwerk, scharnieren, plinten of een combinatie van deze elementen.

Prestaties

Naast de aspecten met betrekking tot de mechanische weerstand en de stabiliteit die hierboven aangehaald werden, zijn ook de gebruiksveiligheid en -geschiktheid zeer belangrijke eisen voor deuren en gehelen uit gehard glas. De veiligheid van de gebruikers moet immers gegarandeerd worden indien de glazen wanden blootgesteld kunnen worden aan incidentele schokken die teweeggebracht worden door een menselijk lichaam en die kunnen leiden tot een risico op snijwonden door grote glasscherven, vallen door het venster of door de wand en verwondingen of kneuzingen door een toevallig contact met de glazen elementen, enz. De beoordeling van deze risico's gebeurt op basis van de aanbevelingen uit de norm NBN S 23-002 (en zijn addendum) die het glas- en breuktype definieert naargelang van de ligging van de wand. Voor deze elementen dient men normaalgesproken zijn toevlucht te nemen tot gehard glas of tot gelaagd glas indien het risico op vallen reëel is. In dit laatste geval dient men geen rekening te houden met de ontwerp- en dimensioneringsregels die hieronder omschreven worden.

Door de speling van 3 tot 7 mm die men moet hanteren bij de plaatsing van deuren en gehelen uit gehard glas, kan men met deze elementen geen optimale thermische of akoestische isolatie verkrijgen, noch een wind- of waterdicht geheel. In gebouwen waarop een thermische reglementering van toepassing is, mag men deze elementen bijgevolg niet gebruiken als gevelelementen, tenzij ze geen deel uitmaken van het beschermde volume van het gebouw.

Dimensionering

Afb. 2 Doorlopende plaatsing zonder opspanning (buitenhoogtes van de profielen en minimale inklemmingshoogte in de sponning)
Voor bouwwerken met een normaal ontwerp en courante afmetingen kan men de gebruiksregels hanteren. De dikte (doorgaans tussen 8 en 12 mm) en de dimensionering van de deuren uit gehard glas zijn afhankelijk van het gebruikte hang- en sluitwerk, het gebouwtype waarin ze geïntegreerd worden, hun ligging en de belastingen waaraan ze blootgesteld worden.

Aangezien de onderdelen voor de bevestiging van de elementen onderling doorgaans slechts voorzien zijn voor één glasdikte, hanteert men voor vaste elementen die deel uitmaken van het geheel uit gehard glas en waarvan de breedte kleiner is of gelijk aan deze van de deurvleugel, bij voorkeur dezelfde diktes als voor de naastliggende elementen (ook indien deze elementen zelf geen gaten of inkepingen bevatten).

Voor bouwwerken met grotere afmetingen wordt de dimensionering geval per geval bekeken. De dikte van de deur wordt hierbij aangepast aan deze van de vaste delen. Indien dit onmogelijk is, wordt er een tussenprofiel voorzien tussen de deur en de naastliggende vaste elementen om het verschil in dikte op te vangen.

Omwille van het ontwerp en de afmetingen van de gehelen uit gehard glas kan het soms noodzakelijk zijn om deze te schoren met verstijvingen die de sterkte, de stijfheid en de stabiliteit van enkele of alle elementen moeten verzekeren.

Uitvoering

De verbinding van de wanden en van de verstijvingen met de ruwbouw kan op de volgende manier gerealiseerd worden :
  • door het glas op te spannen tussen (plaatselijke of doorlopende) metalen delen die meestal onderling verbonden worden door middel van bouten die al dan niet doorheen het glas gaan ter hoogte van gaten of inkepingen die hiervoor voorzien werden. Tussen deze metalen elementen en het glas wordt doorgaans een niet-hygroscopisch materiaal aangebracht dat ongevoelig is voor kruip (EPDM, geëxtrudeerde siliconen, PVC, ...). De rand van de in vorm gebrachte glaselementen wordt afgeschermd van de metalen profielen

  • doorlopend, zonder opspanning, in U-profielen met een minimale buitenhoogte van 15 mm voor de onder- en zijprofielen en van 30 mm voor het bovenste profiel. Men dient te zorgen voor een minimale inklemmingshoogte in de sponning van 8 mm voor de onder- en zijprofielen en van 12 mm voor het bovenste profiel. In het onderste profiel zorgt de zijdelingse vastzetting niet alleen voor de positionering van het glas, maar vermijdt het tevens elk hard contact tussen het glas en dit profiel.
De verbinding tussen de elementen onderling en de bevestiging van de accessoires gebeuren doorgaans volgens de principes van een plaatselijke inklemming.


V. Detremmerie, ir., adjunct-laboratoriumhoofd, laboratorium 'Dak- en gevelelementen', WTCB