Mozaïek op net : onthechtingsrisico in zwembaden 2009/04.13

TC Harde muur- en vloerbekledingenHet onder water staande oppervlak van zwembaden kan na verloop van enkele maanden tot jaren het toneel beginnen te vormen voor de onthechting van de mozaïektegeltjes. In België bestaan er geen referentiedocumenten met beperkingen op of aanbevelingen voor het gebruik van dergelijke elementen in zwembaden. In de NBN EN 12004 wordt enkel gepreciseerd dat het gebruik van een tegellijm ook mogelijk is voor andere tegels dan deze, besproken in de NBN EN 14411, voor zover de mate­ria­len onderling verenigbaar zijn. In dit artikel wordt nader ingegaan op het schademechanisme en worden enkele preventieve maatregelen beschreven.

Beschouwde typologie

Loskomen van mozaïektegeltjes in een zwembad.
Loskomen van mozaïektegeltjes in een zwembad.
Het gaat hier om geprefabriceerde elementen of 'vellen', die opgebouwd zijn uit mozaïektegeltjes (bv. 20 mm x 20 mm) die met hun plaatsingsvlak op een net verlijmd worden om de plaatsing te vergemakkelijken.

Op Europees niveau wordt er momenteel gewerkt aan een specifieke norm voor keramische mozaïek. Dit materiaal wordt immers niet langer gedekt door de recentste versie van de NBN EN 14411, waarin tegels, kleiner dan 70 mm x 70 mm buiten beschouwing gelaten worden. Door het feit dat de glasdeegmo­zaïektegeltjes uit de onderzochte schadegevallen geen water absorberen, zou men deze kunnen indelen in de groep BIa (absorptie ≤ 0,5 massa-%).

Hoewel de door ons vastgestelde schade enkel betrekking had op glasdeegmozaïek, menen wij dat ook andere materialen met een beperkte porositeit (bv. keramiek of marmer) onderhevig kunnen zijn aan een dergelijke onthechting.

Het net dat de tegeltjes samenhoudt, is opgebouwd uit glasvezels of uit kunststof (1) en wordt gekarakteriseerd door zijn maaswijdte en eventueel ook door zijn oppervlaktemassa. De mozaïektegeltjes worden zodanig met lijm op het net bevestigd dat er elementen van bv. 300 mm x 300 mm ontstaan.

In de onderzochte schadegevallen werd een lijm van het PVAC-type (polyvinylacetaat) toegepast. Daarnaast werd er voor de plaatsing ook gebruik gemaakt van een mortellijm van het type C2, met een CE-markering volgens de NBN EN 12004, die uitgevoerd werd overeenkomstig de aanbevelingen van de producent (op een hiertoe voorziene afdichtingslaag). De bepaling van de materiaalprestaties gebeurt aan de hand van gestandaardiseerde laboratorium­proeven (2). We willen er echter wel op wijzen dat deze specificaties en het feit dat deze producten in overeenstemming zijn met voornoemde norm geenszins betekenen dat ze ook geschikt zijn voor gebruik in zwembaden.

Onthechtingsmechanisme

Een opgevoegde betegeling kan nooit op zich de waterdichtheid verzekeren omwille van het feit dat de voegen onvermijdelijk onderhevig zijn aan microscheurtjes tengevolge van de krimp en/of de hygrothermische bewegingen. In geval van een waterindringing onder invloed van de hydrostatische druk kunnen de onvolledig aangedrukte tegellijmrillen en de 'draden' van het net het vochttransport sterk bevorderen.

Het onthechtingsmechanisme werd onderzocht in het kader van een proefprogramma dat tot doel had het bindmiddel te identificeren en het gedrag ervan in een waterig - meer bepaald basisch (hoge pH) - milieu te controleren. Daarnaast gingen onze medewerkers over tot de bepaling van de hechtsterkte volgens de NBN EN 1348 (initiële hechting en hechtsterkte na bevochtiging) voor een specifiek geval.

De proefresultaten tonen aan dat de onthechting te wijten is aan de veroudering van de PVAC-lijm, vermits dit product zeer gevoelig is voor vocht en alkaliteit. Deze hydrolyse, teweeggebracht door het aanwezige water en benadrukt door de alkalische mortel, leidt tot een snelle achteruitgang van de materiaalprestaties. Bovendien zijn de dikke draden van het net, die met een royale hoeveelheid lijm op de achterzijde van de tegeltjes bevestigd worden, niet bevorderlijk voor het optimale contact tussen de lijm en de tegeltjes.

Tijdens het proefprogramma werd ook de invloed van de bouwplaatsomstandigheden onderzocht, aangezien deze vaak afwijken van de parameters, gehanteerd tijdens de genormaliseerde proeven. Hieruit bleek dat niet alleen de ondergrond, maar ook het tegeltype en de uitvoeringstechniek (uitgeoefende druk, uitstrijken/verkammen, wachttijd vóór de plaatsing) de prestaties in de praktijk kunnen beïnvloeden.

Besluit

Gelet op de vastgestelde schade en de uitgevoerde analyses, wensen wij de aannemers en voorschrijvers bewust te maken van de risico's die gepaard gaan met het gebruik in zwembaden van mozaïektegeltjes die met hun plaatsingsvlak op een net verlijmd worden. Dit geldt evenzeer voor oppervlakken die blootgesteld zijn aan een sterke waterbesproeiing.

Wij verkiezen het gebruik van elementen waarbij de assemblage gebeurt op het zichtvlak (bv. met een vel papier dat na de plaatsing makkelijk verwijderbaar is met water) of door het aanbrengen van lijmstippen op de tegelranden. Indien dit niet mogelijk is, raden wij aan te opteren voor een systeem waarbij het optimale contact tussen de lijm en de tegeltjes op geen enkele manier verhinderd wordt (bv. net met dunne draden dat op de tegeltjes bevestigd wordt met een aangepast lijmtype dat in staat is de voorziene belastingen op te nemen). In de NBN EN 14891 worden een aantal proeven aanbevolen die als referentie kunnen dienen voor de toepassing van mozaïek in zwembaden.

Een andere oplossing bestaat erin gebruik te maken van een lijm van het type 'R'. Dergelijke lijmen vertonen namelijk een grotere hechtsterkte, voor zover ze uitgevoerd worden volgens de richtlijnen van de producent.


Y. Grégoire, ir.-arch., adjunct-afdelingshoofd, afdeling 'Materialen', WTCB
F. de Barquin, ir., departementshoofd, departement 'Materialen, technologie en omhulsel', WTCB

(1)De aanwending van papier als drager komt niet aan bod in dit artikel. In de TV 227 wordt het gebruik van tegeltjes die met hun plaatsingsvlak op een dergelijke drager bevestigd zijn overigens afgeraden.
(2)Zie hiervoor het artikel 'CE-markering van tegellijmen. Keramische binnen- en buitenbetegelingen voor muren en vloeren' (WTCB-Dossiers nr. 2007/2, katern 3).