Lijmen voor elastische vloerbedekkingen
De elastische vloerbedekkingen op basis van PVC, linoleum, kurk of rubber hebben de laatste jaren een grondige evolutie gekend. Daarom werd binnen het Technisch Comité 'Schilderwerk, soepele muur- en vloerbekledingen' een werkgroep belast met de herziening van de Technische Voorlichting 165. Hierna krijgt u reeds een voorsmaakje van de belangrijkste informatie die hierin opgenomen is met betrekking tot de gelijmde plaatsing ervan.1. De verschillende lijmtypes
Tabel 1 geeft een overzicht van de bestaande lijmtypes : dispersielijmen met of zonder cement, tweecomponentenlijmen en lijmen op basis van solventen. Deze onderscheiden zich van elkaar door de chemische aard van hun hoofdbestanddelen.| Tabel 1 Overzicht van de lijmtypes. | |
| Lijmtype | Hoofdbestanddeel |
| Dispersielijmen | Synthetische harsen (vinyl of acryl) in waterige dispersie, zonder solventen of met een laag solventgehalte (max. 5 %) |
| Dispersielijmen met cement (tweecomponenten) | Synthetische harsen in waterige dispersie en cement als snelhardend bindmiddel |
| Tweecomponentenlijmen | Polyurethaan of epoxy |
| Lijmen op basis van solventen | Polychloropreenharsen (neopreen) |
2. Permanente verlijming of pick-uplijm ?
Naast traditionele lijmen die zorgen voor de permanente bevestiging van de vloerbedekking op een ondergrond die al dan niet voorzien werd van een egalisatielaag, zijn er tevens pick-uplijmen op de markt die de omkeerbare bevestiging van de vloerbedekking toelaten. Deze bevestigingstechniek biedt de mogelijkheid om de vloerbedekking achteraf makkelijk te verwijderen en vervolgens te hergebruiken. Dit kan zeer nuttig zijn in aanwezigheid van verhoogde paneelvloeren, die overigens steeds vaker aangewend worden in kantoren voor de inwerking van de kabels.3. Verlijmingstypes
Naast voornoemde lijmtypes kan men ook verschillende verlijmingstypes onderscheiden :- natte verlijming
- halfnatte verlijming
- droge verlijming
- contactverlijming.
Doorgaans gebeurt de verlijming eenzijdig met behulp van een spatel. In het geval van een contactverlijming wordt de lijm daarentegen tweezijdig aangebracht : met de lijmspaan, de rol of de borstel aan de onderkant van de vloerbedekking en met de spatel op de ondergrond.
4. Keuze van de lijm
De keuze van de lijm en van het verlijmingstype is voornamelijk afhankelijk van de aard van de ondergrond en de vloerbedekking. Tabel 2 vermeldt de aanbevolen lijm- en verlijmingstypes voor de meest courante gevallen.| Tabel 2 Keuze van de verlijming en de lijm. | |||
| Aard van de vloerbedekking | Aard van de ondergrond | ||
| Absorberend | Niet-absorberend (oude PVC-vloerbedekkingen, keramische producten, mechanisch geëffend beton, hout en houtproducten, metalen vloeren) | ||
| Met egalisatielaag | Zonder egalisatielaag | ||
| Rubber | Natte of halfnatte verlijming met dispersielijm | Natte of halfnatte verlijming met dispersielijm | Droge verlijming of contactverlijming met dispersielijm (²) |
| PVC/Cushion vinyl | Natte of halfnatte verlijming met dispersielijm | Natte of halfnatte verlijming met dispersielijm | Droge verlijming of contactverlijming met dispersielijm |
| Linoleum | Natte verlijming met dispersielijm | Natte verlijming met dispersielijm | Natte verlijming met dispersielijm met cement |
| Kurk (¹) | Droge verlijming of contactverlijming met dispersielijm of met lijm op basis van solventen | Droge verlijming of contactverlijming met dispersielijm of met lijm op basis van solventen | Droge verlijming of contactverlijming met dispersielijm of met lijm op basis van solventen |
| (¹) Voor kurk op een PVC-ondergrond : zie PVC; voor kurk op een ondergrond van jute : zie linoleum. (²) Uitzonderlijk : lijm op basis van solventen (neopreen) of natte verlijming met tweecomponentenlijm (indien de dikte van de vloerbekleding > 4 mm). |
|||
V. Pollet, ir., adjunct-departementshoofd, departement 'Materialen, technologie en omhulsel', WTCB
P. Steenhoudt, ir., projectleider, laboratorium 'Bouwchemie', WTCB
P. Steenhoudt, ir., projectleider, laboratorium 'Bouwchemie', WTCB



