Toleranties op binnenbepleisteringen 2008/03.12

Toleranties op binnenbepleisteringenDe TV's 199 en 201 worden in België als referentiedocumenten beschouwd. Intussen werd echter ook de recentelijk gepubliceerde Europese norm NBN EN 13914-2 betreffende het ontwerp, de voorbereiding en de uitvoering van binnenbepleisteringen van kracht. Dit artikel vergelijkt de eisen en aanbevelingen met betrekking tot de toleranties en de afwerkingsgraad van binnenbepleisteringen uit de norm met deze, opgenomen in de TV 199.

Afwerkingsgraden voor bepleisteringen

In de norm NBN EN 13914-2 komen diverse pleisters (op basis van gips, kalk, cement, polymeren, …) aan bod en worden verschillende standaardniveaus voor gladde afwerkingen aanbevolen (zie tabel 1). Ze meldt dat het niveau 1 van toepassing is bij gebrek aan andersluidende informatie en dat de ontwerper duidelijk dient aan te geven of de bepleistering een speciale afwerking vereist. We willen er tevens aan herinneren dat de taakverdeling tussen de stukadoor en de schilder niet altijd even eenvoudig is. De opdrachtgever dient daarom nauwkeurig de werkzaamheden van de diverse betrokkenen af te bakenen, rekening houdend met de uitvoeringsgraden voor schilderwerken, opgenomen in de TV 159.

In de TV 199 is de afwerkingsgraad voor normale geëffende binnenbepleisteringen gebaseerd op het aantal onregelmatigheden van het oppervlak per 4 m². Voor de normale afwerkingsgraad zijn vier onregelmatigheden toegelaten, terwijl dit aantal voor de specia­le afwerkingsgraad beperkt moet worden tot twee. Deze fouten kunnen ofwel voorkomen in de vorm van plaatselijk onregelmatig gepolijste zones van maximum 0,5 dm², ofwel in de vorm van spaanstrepen of zandkorrels. Bijkomend worden er zowel bij de normale als de speciale afwerkingsgraad maximum twee golvingen per 2 m lengte aanvaard. Vermits de norm NBN EN 13914-2 geen kwantitatieve eisen bevat voor de verschillende afwerkingsniveaus, hebben wij getracht deze in correlatie te brengen met de aanbevelingen uit de TV 199 (tabel 1).

Tabel 1 Standaardniveaus voor gladde afwerkingen volgens de Europese norm NBN EN 13914-2 en afwerkingsgraden volgens de TV 199.
Standaardniveaus voor gladde afwerkingen
(NBN EN 13914-2)
Afwerkingsgraden
(TV 199)
Niveau 1 Voor gebruik in zones waar de afwerking van het oppervlak niet belangrijk is Niet-geëffende bepleistering (bv. oppervlak waarop een betegeling zal aangebracht worden)
Niveau 2 Om voorzien te worden van een bekleding met textuur (papier, verf, …) Normale afwerkingsgraad
Niveau 3 Om beschilderd te worden met een matte verf of om voorzien te worden van een gladde bekleding Normale afwerkingsgraad / Speciale afwerkingsgraad (naargelang van de voorbereidende werken, voorzien door de schilder)
Niveau 4 Om beschilderd te worden met een halfglanzende verf en/of indien er scherend licht kan invallen (*) Speciale afwerkingsgraad en plamuren door de schilder
(*) Voor glansverf kunnen bijkomende eisen noodzakelijk zijn.

Vlakheid

Tabel 2 vergelijkt de aanbevelingen met betrekking tot de vlakheidsklassen uit de norm NBN EN 13914-2 met deze uit de TV 199.

De vlakheidseisen uit de klassen 3 en 4 van de norm NBN EN 13914-2 komen respectievelijk overeen met de eisen voor de 'normale' en de 'speciale' afwerkingsgraad uit de TV 199. Deze laatste voorziet bovendien een bijkomende controle onder de lat van 20 cm.

Tabel 2 Classificatie van de vlakheid van de bepleistering volgens de Europese norm NBN EN 13914-2 en de TV 199.
NBN EN 13914-2
TV 199 (¹)
Klasse
Vereiste vlakheid van de ondergrond (¹) (onder de lat van 2 m)
Vereiste vlakheid van de bepleistering (onder de lat van 2 m)
Vereiste vlakheid van de bepleistering (onder de lat van 0,2 m)
Afwerkingsgraad
0
-
-
-
-
1
15 mm/2 m
10 mm/2 m
-
-
2
12 mm/2 m
7 mm/2 m
-
-
3
10 mm/2 m
5 mm/2 m
2 mm/0,2 m
Normaal
4 (²)
5 mm/2 m
3 mm/2 m
1,5 mm/0,2 m
Speciaal
5 (²)
2 mm/2 m
2 mm/2 m
-
-
(¹) Volgens de TV 199 is een afwijking van 4 mm/m (8 mm/2 m, wat dus strenger is dan de 10 mm/2 mm voor klasse 3 uit de norm) op de ondergrond aanvaardbaar. De maximale afwijking voor het totale oppervlak moet beperkt blijven tot 20 mm.
(²) Enkel van toepassing op pleistersystemen met een maximale dikte van 6 mm volgens de norm.

Besluit

Nuttige informatie
Dit artikel kwam tot strand in het kader van de Normen-Antenne 'Mortel-Beton-Granulaten' (www.normen.be)
De toleranties en de afwerkingsgraad van de bepleistering zijn afhankelijk van de dikte, de toleranties op de ondergrond, de uiteindelijke bekleding en de voorziene verlichting. De norm vermeldt bovendien dat het onmogelijk is te komen tot een volledig vlak oppervlak. De beperkte onregelmatigheden die in het oog springen bij een intense of scherende lichtinval op een afwerking met glansverf of halfglanzende verf, moeten dus aanvaard worden.

Mits het respecteren van de aanbevelingen uit de TV 199 is het in het algemeen mogelijk te voldoen aan de eisen uit de norm.


Volledig artikel


Y. Grégoire, ir.-arch., adjunct-afdelingshoofd, afdeling 'Materialen', WTCB