Dekvloermortels en dekvloeren : eigenschappen en eisen 2006/04.02

Als gevolg van de publicatie van de norm NBN EN 13813 in 2002 mogen sinds juli 2005 enkel nog dekvloermortels die beschikken over een CE-markering op de Belgische markt gebracht worden. In dit artikel wordt de inhoud van deze norm nader toegelicht.

1. CE-markering van dekvloermortels

In 2002 publiceerde het BIN de door het CEN TC 303 'Floor screeds and in-situ floorings' opgestelde norm NBN EN 13813 'Dekvloermortel en dekvloeren. Dekvloermortels. Eigenschappen en eisen'. Deze norm werd in januari 2003 in het Belgisch Staatsblad geregistreerd, waarna alle nationale normen die betrekking hadden op hetzelfde onderwerp moesten ingetrokken worden vóór juli 2004. Vanaf juli 2005 zouden enkel nog dekvloermortels met een CE-markering in de handel mogen verschijnen.

2. Toepassingsgebied

Het toepassingsgebied van de norm NBN EN 13813 is beperkt tot de dekvloermaterialen die gedefinieerd werden in de norm NBN EN 13318 'Dekvloermortels en dekvloeren. Begripsbepalingen'. Volgens laatstgenoemde norm is een dekvloermortel een 'mengsel bestaande uit een bindmiddel, toeslagstoffen en eventueel een vloeistof die zorgt voor het verharden van het bindmiddel, soms aangevuld met hulpstoffen en/of vulstoffen'. Dekvloermortels die bijdragen tot het draagvermogen van de constructie (bv. druklagen) worden buiten beschouwing gelaten. De norm geeft evenmin informatie over de eisen waaraan de dekvloer in situ moet voldoen.

3. Bindmiddelen en hun beproeving

In de norm NBN EN 13813 is een tabel opgenomen waarin de verplicht en optioneel uit te voeren proeven voor de dekvloermortels weergegeven zijn met het oog op hun classificatie. Het al dan niet normatieve karakter van de proeven is afhankelijk van het toegepaste bindmiddel : cement, calciumsulfaat (anhydriet), magnesiet, gietasfalt of kunsthars (zie ook tabel 1). Opdat de fabrikant de CE-markering zou kunnen aanbrengen op zijn product kunnen echter nog andere proeven nodig zijn (cf. WTCB-Dossiers nr. 4/2006).
Tabel 1 Verplichte en optioneel te bepalen eigenschappen van de dekvloermortel.
Tabel 1 Verplichte en optioneel te bepalen eigenschappen van de dekvloermortel.
Bij het gebruik van cement, calciumsulfaat of magnesiet dient men vooral aandacht te besteden aan de druksterkte en de buigtreksterkte van de verharde mortel. De bepaling van deze karakteristieken gebeurt volgens de proefnorm NBN EN 13892-2 'Beproevingsmethode voor dekvloermortels. Deel 2 : bepaling van de buig- en druksterkte'.

Bij dekvloeren op basis van calciumsulfaat moet bovendien aangetoond worden dat de zuurtegraad pH hoger is dan 7.


Volledig artikel


C. Van Ginderachter, ir., technologisch adviseur (*), projectleider, laboratorium 'Structuren', WTCB
B. Parmentier, ir., adjunct-afdelingshoofd, afdeling 'Geotechniek en Structuren', WTCB

(*) Technologische Dienstverlening 'Ontwerp en uitvoering van bedrijfsvloeren', gesubsidieerd door het IWT.