Vlakheid en niveauverschillen bij gelijmde tegels : aandacht voor de ondergrond

Belangrijk
De toleranties op betegelingen geplaatst in een dunbed (lijm of mortellijm) zijn gelijk aan de som van de toleranties op de ondergrond en de reële fabricagetoleranties van de tegels.
Het verlijmen van tegels op een verharde ondergrond met een dunne laag lijm of mortellijm laat niet toe de oneffenheden in de dekvloer of de bepleistering weg te werken. In voorkomend geval zullen de toleranties van de ondergrond rechtstreeks bepalend zijn voor de te verwachten toleranties op de muur- of vloerbetegeling. De essentie speelt zich dus af vóór de uitvoering van de betegeling zelf.

Vlakheid

Een oppervlak kan als vlak beschouwd worden indien het geen enkele oneffenheid, ongelijkheid of kromming vertoont. In de Technische Voorlichtingen van het WTCB maakt men zowel voor muur- als vloerbetegelingen een onderscheid tussen drie verschillende tolerantieklassen (speciale, normale of functionele uitvoering).

De
Nuttige informatie
De oplevering en de controle van de betegeling mogen enkel gebeuren onder natuurlijk licht, met het blote oog en vanop een afstand van minstens 1,5 m.
ondergrond van een vloerbetegeling bestaat gewoonlijk uit een dekvloer van mortel. Onafhankelijk van het feit of deze nu cement- of anhydrietgebonden is, moet de dekvloer beantwoorden aan de vlakheidstoleranties, opgenomen in TV 189. Binnenmuurbepleisteringen op basis van cement of gips mogen op hun beurt de toleranties uit TV 199 niet overschrijden. De vlakheidstoleranties op de muur- of vloerafwerking (zie tabel 1) zijn bijgevolg rechtstreeks afhankelijk van deze die van toepassing zijn op de ondergrond en beschreven worden in voornoemde documenten.
Tabel 1 Vlakheidstoleranties op de betegeling (en de ondergrond), afhankelijk van de lengte van de lat en de uitvoeringsgraad.
Uitvoeringstype (*) Vloer
Dekvloer : TV 189
Betegeling : TV 213, enz.
Muur
Bepleistering : TV 199 en 209
Betegeling : TV 227
Klasse
1m
2m
Klasse
0,2m
2m
Speciale uitvoering 1 2 mm 3 mm R1.1 1,5 mm 3 mm
Normale uitvoering 2 3 mm 4 mm R1.2 2 mm 5 mm
Functionele uitvoering 3 5 mm 6 mm R2 - 8 mm
(*) Bij gemis aan voorschriften in de contractuele documenten gelden de normale uitvoeringstoleranties. De functionele uitvoeringstoleranties zijn voorbehouden voor toepassingen waaraan geen esthetische eisen gesteld worden en mogen slechts toegepast worden na akkoord tussen alle betrokken partijen. Voor vloeren wordt deze uitvoeringsmethode echter afgeraden.

Men moet bovendien rekening houden met de volgende aandachtspunten :
  • het formaat van de tegels kan - naast het gewenste uitzicht - ook rechtstreeks de tolerantieklasse van de ondergrond bepalen. Voor grootformaattegels (groter dan 30 cm x 30 cm) schrijft men bij voorkeur de speciale uitvoeringsklasse voor
  • de vlakheidstoleranties, opgenomen in tabel 1, hebben enkel betrekking op de kwaliteit van de uitvoering (ondergrond en betegeling). Hieraan moeten de reële fabricagetoleranties op de geplaatste tegels toegevoegd worden :
    Terminologie
    Soms wordt de term 'gerectificeerd' gebruikt om keramische tegels aan te duiden die beantwoorden aan strengere fabricagetoleranties. Deze benaming is niet in overeenstemming met de norm NBN EN 14411. Bovendien slaat ze doorgaans enkel op de buitenafmetingen (lengte en/of breedte) van de tegel en dus niet op de vlakheid ervan.
    • wat keramische tegels betreft, zijn de toleranties uit de norm NBN EN 14411 doorgaans te ruim om te kunnen beantwoorden aan de esthetische eisen die in ons land gesteld worden. Het is dan ook aan te raden tegels te gebruiken die voldoen aan strengere reële fabricagetoleranties (bv. 0,2 % op de diagonaal), vooral indien het om grootformaattegels gaat (bv. 30 x 30 cm of meer)
    • de dimensionale toleranties voor tegels uit natuursteen worden vermeld in de norm NBN EN 12057, die een onderscheid maakt tussen gekalibreerde en niet-gekalibreerde tegels.

Niveauverschillen

Het gaat hier om het verschil in hoogte tussen de randen van twee aangrenzende tegels. De toleranties die hieromtrent terug te vinden zijn in de Technische Voorlichtingen zijn vergelijkbaar voor muren en vloeren.

De reële vlakheidstoleranties en de toleranties op de dikte van de tegels moeten opgeteld worden bij de uitvoeringstoleranties uit tabel 2. Verder moeten de volgende opmerkingen in acht genomen worden :
  • niveauverschillen tussen aangrenzende tegels zijn doorgaans storender bij vloerbetegelingen dan bij muurbetegelingen. De omvang van de hinder vergroot naarmate de voegen smaller zijn
  • vooral tegelverbanden met kruisende voegen of knipvoegen zijn gevoelig voor de vlakheidstoleranties op de tegels (zie schema op de volgende pagina). Dit geldt des te meer indien het grootformaattegels betreft (> 30 cm x 30 cm). In dergelijk gevallen dient men de reële vlakheidstolerantie te beperken tot 0,2 % van de diagonaal van de tegel.
Tabel 2 Toleranties op het niveauverschil tussen aangrenzende tegels, afhankelijk van de voegbreedte en de uitvoeringsgraad.
Uitvoeringstype (*) Vloer
Dekvloer : TV 189
Betegeling : TV 213 (**), enz.
Muur
Bepleistering : TV 199 en 209
Betegeling : TV 227
Voeg ≤ 6 mm
Voeg > 6 mm
Klasse
2 mm ≤ voeg ≤ 6 mm
Speciale uitvoering 1 mm 2 mm R1.1 1 mm
Normale uitvoering R1.2 1,5 mm
(*) Bij gemis aan voorschriften in de contractuele documenten gelden de normale uitvoeringstoleranties.
(**) Wat binnenvloerbedekkingen uit natuursteen betreft, wordt in TV 213 geen onderscheid gemaakt volgens de voegbreedte : de tegels van het standaardtype en van het marmertype moeten beantwoorden aan dezelfde toleranties op het niveauverschil (deze tolerantie bedraagt 1 mm). Men preciseert er niettemin dat alle betrokken partijen bij gemeenschappelijk akkoord moeten vastleggen hoe groot de tolerantie op het niveauverschil mag zijn voor tegels met afmetingen groter dan 50 cm x 50 cm.

Besluit

Hoewel de betegeling het uitzicht van de ondergrond ten goede komt, dient men rekening te houden met het feit dat het resultaat afhangt van een brede waaier van parameters. Zo is het niet enkel belangrijk dat men een beroep kan doen op duidelijke voorschriften en kwaliteitsvolle materialen. De ontwerper staat eveneens in voor de oplevering van de ondergrond en moet aandacht besteden aan alle problemen die een negatieve invloed zouden kunnen hebben op de uitvoering en het uitzicht van de betegeling. Ondergronden of tegels die niet voldoen aan voornoemde toleranties, moeten dan ook gemeld worden aan de ontwerper vóór de uitvoering van de betegeling. Zo kan deze laatste bepalen welke maatregelen zich opdringen en kan hij het bouwvak aanduiden dat de eventuele correcties voor zijn rekening moet nemen.





O. Vandooren, ing., departementshoofd 'Communicatie en Beheer', WTCB